Huts wordt mecenas pur sang

Ondernemers halen hun gedrevenheid uit de ontmoeting tussen verleden en toekomst. Om dat te onderstrepen wil Katoen Natie de Vlaamse musea even veel middelen toestoppen als de Vlaamse regering.

Fernand Huts treedt al jaren op de voorgrond als kunstverzamelaar. Uit deze persoonlijke interesse heeft hij zelfs een aparte logistieke specialiteit ontwikkeld.

Als ondernemer heeft hij de geschiedkundige achtergronden en cultuur van onze samenleving altijd zeer belangrijk gevonden, zegt hij. Onze bewindvoerders maken echter te weinig middelen vrij voor cultuur, geschiedenis en erfgoed. Daar wil Huts wat aan doen.

“De 21 Vlaamse musea krijgen samen 8,12 miljoen euro aan werkingssubsidies van de Vlaamse regering. Katoen Natie besteedt 0,35% van haar omzet aan cultuurwerking. Katoen Natie verhoogt dit tot 0,50% en matcht op die manier de 8,12 miljoen van de Vlaamse regering”, aldus Huts tijdens een persconferentie.

Dat event was opgebouwd rond het kunstboek dat Katoen Natie financiert. Niet toevallig is het gewijd aan de kunst in de Zuidelijke Nederlanden aan het begin van de 17de eeuw. Dat is een periode waar Huts graag naar teruggrijpt. “We waren toen erg rijk. De vraag is echter waarom we rijk zijn geworden en wat we met die rijkdom hebben gedaan.”

Politiek en schilderkunst

Huts vindt dat Vlaanderen de dag van vandaag op cultureel vlak te weinig op de kaart wordt gezet. ‘Politiek en Schilderkunst. Hendrick De Clerck (1560-1630) en de aartshertogelijke ambities van de aartshertogen Albrecht en Isabella’ gaat over het gebruik van kunst als propagandamiddel. Het werk werd geschreven door de kunsthistorica Katharina Van Cauteren. Het is ook in een Engelse versie verkrijgbaar.

Of Huts met deze initiatieven een hint wil geven naar andere Vlaamse ondernemers toe? “Ik steek mijn neus nooit in andermans zaken. Anderzijds is wat wij in de musea investeren nog altijd niet zoveel als wat een voetbal- of wielerploeg zou kosten. Met kunst kan je Vlaanderen voor altijd op de kaart zetten.”