Luc T’Joen: “Megahub in Palermo dreigt nieuwe spookhaven te worden”

De megagrote containerhub in Palermo zou wel eens het zoveelste voorbeeld kunnen worden van een project dat op los zand is gebouwd. Europa betaalde al te vaak mee voor dat soort luchtkastelen, zegt Luc T’Joen.

In Italië liggen plannen op tafel om het Siciliaanse Palermo om te turnen tot de grootste haven in Zuid-Europa en de belangrijkste containerhub in de Middellandse Zee. Of het project ooit verder raakt dan de tekentafel, valt nog af te wachten, maar Luc T’Joen (foto) heeft er persoonlijk alvast geen goed oog in.

Geen afzetmarkt

“De Europese Rekenkamer heeft in het verleden al dergelijke prachtplannen voor containeroverslag geaudit”, merkt hij naar eigen zeggen “met enig cynisme” op. “De ervaring leert dat als er geen afzetmarkt aanwezig is – en Sicilië is daar erg klein voor – en er geen businesscase voor hinterlandverkeer bestaat, er ook weinig kans op succes is.”

“Transhipment is bovendien een markt waar hoge investeringen vereist zijn zonder garantie dat de grote containerschepen in jouw haven zullen stoppen. Ten slotte moet gezegd dat Italië niet het meest robuuste land is om grootse plannen met hoge snelheid te implementeren.”

Verkwisting

T’Joen reageert in eigen naam, maar zijn mening kan tellen. Als senior administrator en lead auditor bij de Europese Rekenkamer (ERK) hield hij mee de pen vast van verschillende rapporten waarin de ERK felle kritiek uitte op de verkwisting van Europees geld in grootschalige havenprojecten waarvan achteraf duidelijk bleek dat de markt er niet zat op te wachten. Een aantal van die ‘spookhavens’ ontsieren nu al de kusten van Zuid-Italië. Europa zag zijn geld nooit terug.

Het toekennen van subsidies gebeurde ook te vaak zonder te kijken naar het totale plaatje. Havens in dezelfde regio kregen gelijktijdig geld voor projecten die op dezelfde goederenstromen en afzetmarkten mikken.

Van Europees geld is in Palermo nog geen sprake. Daar lag de klemtoon bij de voorstelling vooral op de noodzakelijke inbreng van privaat kapitaal voor een investering die op 5 miljard euro wordt geraamd. Maar bij zo’n dossier raken onvermijdelijk overheden betrokken die dan wat graag een deel van de factuur naar Europa doorschuiven.

Hogesnelheidstreinen

Havens zijn lang niet het enige voorbeeld van transportinvesteringen waarin Europa geld pompt zonder een doordachte strategie te hanteren. De Rekenkamer bracht eind juni een nieuw rapport uit over Europese investeringen in infrastructuur voor hogesnelheidstreinen.

De conclusies zijn opnieuw vernietigend. Het Europees netwerk van hogesnelheidslijnen zijn niet meer dan een lappendeken van nationale lijnen, klinkt het. Grensoverschrijdende coördinatie en connectiviteit zijn ver te zoeken. Elke lidstaat doet zijn eigen ding in zijn eigen hoekje zonder te kijken naar wat in de buurlanden gebeurt. De Europese Commissie heeft geen hefboom in handen om daar iets aan te veranderen.

 “De toegevoegde waarde van de cofinanciering door de Europese Unie ligt laag”, stellen de auditoren van de ERK. Nochtans vloeide sinds 2000 niet minder dan 23,7 miljard euro aan Europese subsidies naar het hogesnelheidsspoor.

Jean-Louis Vandevoorde