Het worden spannende jaren

Philippe Van Dooren

Philippe Van Dooren

Redacteur Flows.be

De Europese Raad is dan toch tot een akkoord gekomen over het klimaat- en energiebeleid tot 2030. De toch al vrij stringente doelstellingen voor 2020 werden aangescherpt voor de periode daarna. Tegen 2030 – binnen 15 jaar – moeten de CO2-emissies in de EU dalen met 40%. Voor de sectoren die nu al onderworpen zijn aan het systeem van emissiehandel (ETS) is een reductie met 43% vooropgesteld, en voor de ‘niet-ETS’ sectoren zoals de transport is dat -30%. Niet tegenover nu, maar tegenover het referentiejaar 1990. Tegen 2030 wil Europa tevens het aandeel hernieuwbare energie in de consumptie optrekken tot minstens 27% en moet het energieverbruik met minstens 27% dalen.

De staatshoofden en regeringsleiders kloppen zich op de borst en zeggen dat de doelstellingen zeer ambitieus zijn. Aan de ‘groene’ kant, daarentegen, zegt men dat ze niet ambitieus genoeg zijn. Wel of niet ambitieus genoeg, laat ik in het midden. Feit is dat de transportsector voor een enorme uitdaging staat.

Transport – alle types voertuigen en alle modi samen – is goed voor 31% van alle CO2-emissies in Europa en daarmee na de energieproductie de grootste bron van die emissies. En de enige wiens uitstoot nog steeds groeit. Daarenboven is de sector verantwoordelijk voor de helft van de energie-import van de EU.

Het staat dan ook als een paal boven water dat de transportsector voor een immense uitdaging staat: men zal alles uit de kast moeten halen om de CO2-emissies te doen dalen. Voor het wegvervoer zal de uitdaging bijzonder groot zijn: zo goed als alle auto’s, bestelwagens en trucks rijden nog op fossiele brandstoffen; het totale voertuigenpark is nog licht groeiende; de technologische vooruitgang kan het verbruik niet veel meer doen dalen. De komende 15 jaren zal de sector dus een omslag moeten maken naar alternatieve aandrijvingsvormen, terwijl sommige daarvan nu al hun limieten hebben getoond. Zo hebben meerdere vrachtwagenconstructeurs de productie van hybride trucks stopgezet omdat er geen valabel business model kan ontwikkeld worden.

De transportsector zal alles uit de kast moeten halen om de CO2-emissies met een kwart te doen dalen.

Dan maar volledig elektrisch gaan? Voor auto’s en bestelwagens zou dat eventueel kunnen overwogen worden, maar voor trucks ligt dat veel moeilijker. Als zij hun CO2-emissies met een kwart of met de helft moeten verlagen, zal men - naast een technologische sprong maken - ook hun inzet moeten herzien. Bijvoorbeeld door het ‘platoonen’ in te voeren of de ecocombi’s ruimer veld te geven. Iets waarvoor onze maatschappij niet echt open voor staat.

Maar ook voor andere sectoren, zoals het spoor, wordt het een nachtmerrie, en niet een zegen zoals men op het eerste zicht kan denken. Dat vandaag niet meer mensen en goederen de trein nemen, heeft vaak te maken met een onaangepast dienstenaanbod en met verplaatsingspatronen die zich niet lenen tot het spoorvervoer. En het spoornet heeft de fysieke capaciteit niet om de volumes van een echte modal shift aan te kunnen. Wil het vervoer per spoor zijn rol spelen in de maatschappelijke transformatie die ons te wachten staat, zal het met rasse schreden moeten moderniseren, ja zelfs zichzelf moeten heruitvinden. Een hele opgave voor een sector die zich al decennia lang van zijn meest conservatieve kant toont.

Men wist al dat de transportsector groener zou moeten worden, maar nu is het menens. Het worden spannende jaren.