Logistiek laat havens teveel links liggen

Vlaanderen moet er over waken dat zijn aanbod aan logistiek vastgoed en terreinen kwantitatief en kwalitatief gelijke tred houdt met de marktvraag. Op dat vlak is er nog werk aan de winkel en laten bedrijven nog te vaak de havens links liggen.

Dat kan opgemaakt worden uit de presentaties van drie experten op het seminarie ‘Bedrijventerreinen & Logistiek Vastgoed’ dat vorige week in Antwerpen plaatsvond. Over één punt waren ze het roerend eens: Vlaanderen heeft troeven zat om zijn positie als logistieke topregio te behouden en zelfs te versterken. Maar op het stuk van logistiek vastgoed mag de lat gerust wat hoger gelegd worden en zouden de voordelen die havens kunnen bieden, beter uitgespeeld kunnen worden.

Havens zijn nochtans de grootste industriezones van het land en bieden al heel wat logistieke capaciteit, benadrukte Christophe Wuyts, senior consultant industry & retail bij Hugo Ceusters. Antwerpen kan bogen op een totaal van 6,1 miljoen vierkante meter aan magazijnruimte, Gent op 2,1 miljoen, Zeebrugge op 1,9 miljoen en zelfs Oostende bezit 295.000 m² aan loodsen, zo bleek uit zijn cijfers.

Concessiebeleid

Maar lang niet alles is up-to-date, het concessiebeleid is niet altijd even flexibel en de wet Major op de havenarbeid zet een rem op nieuwe ontwikkelingen, stipte hij aan. In Vlaanderen zit heel wat logistiek op wat Büchi, projectmanager bij Royal Haskoning DHV, “gemengde terreinen” noemde en veel minder op hoogwaardige terreinen of in zeehavens. Bovendien zijn factoren als bereikbaarheid en parkeermogelijkheden, duurzaamheid, ruimtegebruik, inrichting… vaak zorgpunten.

Büchi ziet in het buitenland heel wat concurrentie de kop opsteken. Vlaanderen zou daar een sterkere regionale visie op logistiek en de uitbouw van eigen toplocaties tegenover moeten zetten, oordeelt hij.

Uit een bevraging maakte Walter Goossens, head of industrial agency bij Jones Lang LaSalle, op dat hoewel bereikbaarheid hoog genoteerd staat in de verlanglijstjes en bedrijven steeds meer belangstelling tonen voor alternatieve transportmodi, respondenten niettemin gemiddeld weinig belang hechten aan multimodale en havengerelateerde liggingen. Op een schaal van 1 (zeer belangrijk) tot 5 (minder belangrijk) kregen de opties ‘modale shift mogelijk maken door te verhuizen naar een multimodale site’ en ‘oppervlakte opnemen in een zeehaven’ elk een score van amper 3,6.