WEEKENDPORTRET: Renaat Landuyt blijft geloven in samenwerking havens

Nieuws, Mensen
Charlotte De Noose

“Mijn vader zat tussen de varkens, ik tussen de politici”, steekt Renaat Landuyt van wal met zijn typische ironie en zelfrelativering. “Ik ben als tweede van vijf kinderen geboren in 1959 in Zillebeke, nu een deelgemeente van Ieper. Wij waren een volledig apolitiek gezin. Vader was de lokale varkenshandelaar en wat verder woonde de verfhandelaar, Leterme. Jarenlang was het in het dorp de discussie wie het meest ‘mislopen’ was: Yves Leterme of ik.”

“Vader was een eenvoudige, hardwerkende man die langzaam een welstand opbouwde voor zijn kinderen. Moeder was sociaal meer actief als voorzitster van de boerinnenbond. Ik ben als enige van de kinderen verder gaan studeren. Mijn humaniora (Latijn-Wiskunde) deed ik bij de Salezianen in Marke (Kortrijk). Dat waren zeer open mensen die liever niet straften. (grijnst). Maar ik was de eerste die straf kreeg: een samenvatting maken over de christenen voor het socialisme. Geef toe, paters met humor. Ze wisten overigens dat ik daar zeer veel over las.” 

Rechten

“Ik koos tot hun verrassing voor rechten. Mijn kandidaturen deed ik in Kortrijk, mijn licenties in Leuven. Ik was een zeer serieuze student en legde mezelf altijd op de lessen voor te bereiden zodat ik gevat vragen kon stellen. Dat viel bij de proffen op. Rechten studeren was voor mij een passie en ik haalde uiteindelijk grote onderscheiding. In het laatste jaar hoefde ik ook geen eindwerk te maken omdat ik als student-assistent werd ingeschakeld. Ik kon assistent worden maar ik wou absoluut aan de balie.” 

“Ik hoefde ook geen legerdienst te doen, dankzij een serieuze gok. Mijn vader raadde mij aan naar de CVP te gaan om “die dienstplicht te regelen”. Dat wou ik niet. Ik wou het zelf regelen zonder politiek maar door de regels toe te passen. Midden mijn studies toen elke normale student jaarlijks uitstel vroeg, vroeg ik op basis van de reglementen vrijstelling. Ik riep in dat mijn vader het financieel moeilijk had. Mijn vader had dat bewuste jaar veel geld verloren door het faillissement van een slachthuis. Op basis van dat ene jaar bekwam ik definitieve vrijstelling wegens beperkt inkomen van mijn ouders.”

Liefde

“Waarom ik nadien de balie van Brugge koos? Omdat mijn lief, later mijn vrouw, daar woonde. Zij was in Leuven van Geschiedenis overgestapt naar Rechten en was van Varsenare, buurgemeente van Brugge. Ik ben in 1982 afgestudeerd en we zijn in 1984 getrouwd. We hebben twee zonen, de ene gespecialiseerd in elektromechanica voor de landbouw, de andere is advocaat.” 

“Als jonge advocaat liep ik al snel in de kijker. Zonder mijn politieke wending zou ik wellicht een assisenpleiter geworden zijn. Tot ik vrijdag 4 oktober 1991 om 15.00 uur namens burgemeester Frank Van Acker een telefoontje kreeg van de latere SP-senator André Vannieuwkerke. Die bood me, kort voor het vertrek van Pierre Chevalier naar de Open VLD, de tweede plaats op de SP-Kamerlijst aan. Ik was totaal niet politiek actief. Wel een stil partijlid: als student was ik politiek geïnteresseerd en was ik, gefascineerd door Karel Van Miert, socialist geworden. In Leuven ging ik soms luisteren naar debatten met Tobback.”

Parlementair …

“Waarom Frank Van Acker aan mij had gedacht, werd me snel duidelijk. Frank wist via zijn huisbediende – een ‘vriendin’ van mijn vader – alles over mij. Het klikte meteen. Voor hem telde de mentaliteit. Toen al waren voor hem partijen voorbijgestreefd. Hij bestuurde ook in die zin en hij waardeerde mijn onafhankelijke opstelling.”

“Zes maanden later overleed Frank totaal onverwacht en werd ik in Brugge nummer één. In onze Kamerfractie was ik de jurist van dienst en door mijn kennis én door mijn aanpak in onderzoekscommissies, haalde ik vrij vaak de media. Zeker vanaf 1996 als verslaggever in de commissie Dutroux. Die commissiezittingen werden rechtstreeks uitgezonden. (schalks) Ik begon steeds pas rond 17.00 uur tussen te komen omdat dan de mensen van hun werk thuiskomen en hun tv aanzetten.” 

… en minister

“Na de dioxinecrisis werd paars-groen gevormd. Ik werd opnieuw Kamerlid tot Steve Stevaert me naast hem in de Vlaamse regering wou als minister van Toerisme  en Werkgelegenheid. Het was voor het eerst dat er een minister van Toerisme kwam en een Bruggeling is daar niet ongevoelig voor. Op dat vlak heb ik vooral belangrijke Europese gelden kunnen mobiliseren.”

“Werkgelegenheid was helemaal nieuw voor mij na jaren juridisch werk. Als minister van Werkgelegenheid heb ik zo de ‘Werkwinkels’ gelanceerd nadat ik als student al had gewerkt in de Wetswinkels en ik later de Huurwinkels anoniem als advocaat had opgezet.” 

“Na vijf jaar Vlaams minister trok ik de volgende keer de SP-lijst voor het Vlaams Parlement. Ik werd verkozen en werd nu … in de federale regering minister van Mobiliteit, met later ook nog de bevoegdheid Noordzee. Als minister van Mobiliteit kreeg ik vooral het Brusselse spreidingsplan op mijn bord. Inzake de Noordzee heb ik de regelgeving ontwikkeld voor de windmolenparken en de aanzet gegeven voor de vernieuwing van het zeerecht. Met mijn federale bevoegdheid voor mobiliteit, Noordzee en havens heb ik ook de reglementering opgezet voor de estuaire vaart. Ik geloof er nog steeds in.”

“Na de volgende verkiezingen belandde de SP onder de regering Leterme in de oppositie. Meteen ging ik terug als Kamerlid aan de slag. Zo bijvoorbeeld in de Fortiscommissie en de commissie Seksueel Misbruik. Blijkbaar deed ik het niet slecht want de journalisten riepen me twee keer uit tot meest actieve parlementslid.”

Cumul

“Die parlementaire activiteiten cumuleerde ik met gemeenteraadslid én advocaat. Dat is spontaan gegroeid naarmate ik ervaring opbouwde. Intussen mikte ik als lokale partijvoorzitter zeer hoog: het Brugse burgemeesterschap. In de aanloop naar de verkiezingen van 2011 schreef ik daarom mijn boekje ’20 jaar Met Goesting” nadat ik al sinds 1995 onder het motto ‘de rode loper’ elke maand intensief een Brugse wijk had bezocht. Daarbij gingen we aanbellen, met de mensen praten, horen wat hun behoeften waren.”

“Met die cumul van gemeenteraadslid en parlementair zat ik sinds 1997 ook in de raad van bestuur van MBZ. Zo leerde ik in Brussel hoe de haven van Brugge inzake subsidiëringen moest opboksen tegen het grotere Antwerpen. Tegelijk heb ik me vanuit die functie ook altijd wel afgevraagd waarom die twee havens zich zo concurrentieel tegen elkaar opstelden en niet naar samenwerking uitkeken. Nu, het zit blijkbaar bij allebei in de genen om apart te blijven, liever dan opportuniteiten te zoeken.”

Burgemeester

“Mijn ambitie om in 2012 als grootste fractie CD&V-burgemeester Moenaert op te volgen, was hoog gegrepen. Maar met 150 stemmen voorsprong wonnen we. Persoonlijk haalde ik een uitstekende score.”

“Als burgemeester greep ik meteen terug naar de situatie van voor Frank Van Acker toen de Brugse burgemeester altijd de raad van bestuur voorzat. Frank was daar vanaf gestapt. Maar bekijk de schilderijen van de Brugse burgemeesters uit de 20e eeuw: die staan altijd afgebeeld in hun bevoegdheid van havenvoorzitter.”

“Het was daarbij ook mijn ambitie om haven en stad dichter bij elkaar te brengen. Onder meer door de titulatuur ‘Zeehaven van Brugge’ in plaats van Haven van Zeebrugge. Die scheiding wegwerken was niet evident want de mentaliteit zowel in Brugge als in de haven was dat de ander ver van het bed was. Dat lijkt nu toch definitief doorbroken.”

Havenbelangen

“Ik heb me als burgemeester heel bewust terug op de Vlaams Parlementslijst gezet om vooral in de commissie Mobiliteit Brugge te verdedigen. Vergeet niet dat die commissie vol Antwerpenaren zat. Als enige Bruggeling daar wou ik ervoor zorgen dat er toch nog wat kruimels van tafel zouden vallen voor Brugge. Want ‘het landsbelang’ leek zich soms te beperken tot Antwerpen.” 

“Ik denk dat mijn grootste verdienste als voorzitter-burgemeester het bijeenroepen van een havencongres was waar we de nieuwe politiek van de haven van Brugge hebben vastgelegd: de haven als economische trekker van het ruime West-Vlaanderen, een wereldhaven met een sterke regionale inbedding. Dus ook met goede hinterlandverbindingen naar bijvoorbeeld Roeselare en Kortrijk. Steeds uitgaande van de realiteit en niet met grote dromen. Wel de bestaande kanalen en de expresweg verbeteren. En daarvoor de nodige budgetten vinden. We zijn dat geleidelijk aan het uitbouwen door sluis voor sluis aan te pakken, net als de uurregelingen van de bruggen. Stap voor stap. (grijnst) Dus eerder op zijn Brugs dan op zijn Antwerps. Er komen uiteraard nog moeilijke momenten. Denk maar aan de mobiliteitsproblemen bij de bouw van de nieuwe zeesluis.”

Weggestemd

“Als burgemeester heb ik uiteraard moeilijke momenten meegemaakt. Ik heb veel kunnen realiseren en op de sporen gezet: de aanpassing van de binnenstad door het verkeer weg te drummen, grote infrastructuurwerken. Ik wist vooraf dat de kans bestond dat er geen tweede termijn zou komen. Men spreekt veel over ‘fietsstad Kopenhagen’. Vertel er dan wel bij dat de burgemeester die dat realiseerde, weggestemd werd. Maar zijn realisatie werd niet teruggedraaid! Ik ben nu ook weggestemd maar de verworvenheden zijn er en worden uitgevoerd.”

“Ik heb het gevoel dat ik betaald heb voor de vele veranderingen vooral dan op het vlak van verkeer. Toen ik de uitspraak deed dat ik toch minstens één stem meer moest halen dan mijn resultaat in 2012, geloofde ik daar nog werkelijk in. Ik had echt de ambitie voor een tweede legislatuur. Het was pas in de loop van de campagne dat mijn buikgevoel me begon te zeggen dat de wind bleef slecht staan.”

“Het leven hangt niet af van politiek alleen. Ik ben heus niet in een zwart gat gevallen. Wel gleed wekenlang een grote vermoeidheid van mij af. Ik heb me de voorbije maanden heel discreet opgesteld en ben mij geleidelijk aan het herbronnen als advocaat om terug te keren naar het werk dat ik tot 1991 voltijds deed. Mijn keuze is terug als advocaat zo dicht mogelijk aan te sluiten bij de problemen van de gewone man.”

Havenbestuurder

“Wel blijf ik maandelijks naar de raad van bestuur gaan van MBZ. Ik volg dus ook de gesprekken met Antwerpen. Normaliter zou de voorbije vakantieperiode gebruikt worden om de politieke gesprekken te voeren in de context van de nieuwe politieke verhoudingen. Ik kijk dus uit naar het verslag over de stand van zaken, dat we normaliter zullen krijgen op onze vergadering van vandaag 13 september. Na Eddy Bruyninckx is in Antwerpen in elk geval de sfeer ten opzichte van samenwerking veranderd.”

“Ik denk dat globale samenwerking kan. Dat hoeft geen fusie te worden. Het maatschappelijk draagvlak voor zo’n samenwerking moet groeien. Langs beide kanten. Dus niet alleen in Antwerpen, ook in Brugge. Best begint men met heel concrete dossiers. Ik weet dat de gesprekken alvast zeer ambitieus zijn en over veel gaan, heel veel. In mijn ogen mogen we die kansen niet laten liggen. Uiteraard mag het geen opslorping worden. Allerlei juridische vormen van samenwerking zijn wél mogelijk. Er zijn genoeg mogelijkheden om Brugge de nodige bescherming te bieden in een sfeer van samenwerking en voor een win-winsituatie voor iedereen. Ik verwacht vooral meer duidelijkheid zodra de Vlaamse regering zal gevormd zijn.”

In nota De Wever

“Ik ben nu meer nog dan vroeger volledig partijonafhankelijk. Het valt mij op en ik kijk er met grote ogen naar hoe elke partij vooral bezig is met zichzelf en niet met het nationaal belang. Het partijpolitieke is nochtans helemaal achterhaald. We moeten naar hergroeperingen zoals nu in Frankrijk onder Macron. Zullen die hergroeperingen volatiel zijn? Natuurlijk! De tijden zijn nu eenmaal volatiel.”

“Toch nog dit. In de Vlaamse beleidsnota heb ik alvast één goed punt gevonden: méér Vlaamse bevoegdheden op juridisch vlak groeperen in een soort Vlaams ministerie van Justitie. Dat kon allang maar die hergroepering heeft men nooit aangepakt, wel bijvoorbeeld inzake Binnenlandse Zaken. De beleidsnota stelt nu op vlak van Justitie voor wat ik al in 2004 voorstelde vanuit fundamenteel sociale overwegingen. Meer zelfs: het is bijna letterlijk wat ik in een van mijn laatste parlementaire stukken in maart van dit jaar nog voorstelde.” 

Paul Verbraeken