Transporteurs: “Havenbedrijf moet congestie terminals aanpakken”

Interview, Scheepvaart
Yannick De Spiegeleir
Containertransporteurs Chris Delcroix, Maarten Gommeren en Peter Van Delm
Containertransporteurs Chris Delcroix, Maarten Gommeren en Peter Van Delm © Bart Timperman

Flows bracht vier containertransporteurs die zeer actief zijn in de Antwerpse haven samen voor een rondetafelgesprek over de toekomst van hun sector. Vandaag: de congestie op de containerterminals in die Antwerpse haven.

De containertransporteurs staan vaak aan de klaagmuur over congestie en andere thema’s. Daarmee krijgen ze soms het imago van ‘de moeilijke mannen’. Om dat te vermijden, gingen transportondernemers Peter Van Delm (Van Delm Transport), Chris Delcroix (DBT Logistics), Jo Van Moer (Van Moer Logistics) en Maarten Gommeren (Vervoer Fr. Gommeren) in op het verzoek van een rondetafelgesprek op de redactie van Flows. Jo Van Moer, CEO van Van Moer Logistics, nam deel aan het interview via een videoverbinding.

Kosten doorrekenen

We bijten de spits van deze driedelige artikelenreeks af met de congestie op de Antwerpse haventerminals. Het is een bekend gegeven: de terminals zitten nokvol en de transportondernemers lopen samen met hun chauffeurs de muren op over de lange wachttijden. “Het is niet alleen de kost van het wachten, maar ook de extra administratieve verplichtingen die er steeds bijkomen. We moeten constant in dialoog gaan met klanten om onze kosten doorgerekend te krijgen”, stelt Jo Van Moer.

“De congestie stuurt onze planning in de war, er is een negatief effect op onze omzet en ook op menselijk vlak zit je met een probleem. 185 vrachtwagens letterlijk spiegel tegen spiegel: dat is alle dagen ruzie en ambras. Chauffeurs zijn mensen, geen beesten”, stipt Chris Delcroix aan.

Wake-upcall

De vier ondernemers willen een positieve wake-upcall de wereld insturen. “De congestie is een structureel probleem. We zullen extra kosten moeten doorrekenen aan onze klanten en dat kan toch niet de bedoeling zijn”, zegt Maarten Gommeren. Peter Van Delm: “Het is niet onze betrachting om op bepaalde partijen te schieten. We moeten constructief zoeken naar oplossingen met de rederijen en verladers, maar wij mogen als transporteurs niet langer de dupe zijn van de hele historie.”

De transporteurs kijken daarbij in de richting van het Havenbedrijf. “Het Havenbedrijf zou harder op tafel moeten kloppen”, zegt Van Moer. “Ook een sterker federatiebestel binnen de transportsector zou een groot verschil maken. Nu zijn er drie federaties (Febetra, TLV, UPTR, red.) die niet op dezelfde lijn zitten en de problematiek onvoldoende vatten. De terminaloperatoren DP World en PSA hebben de macht en het probleem is dat wij als transporteurs geen relatie hebben met de terminals. Er zitten altijd twee of drie partijen tussen. Zolang de congestie voor hen geen extra kosten oplevert, zullen ze de problemen niet aanpakken. Om te vermijden dat zeeboten niet op tijd vertrekken, zullen ze wel extra volk voorzien, want daar staan boetes op. Voor de afhandeling van containers is dat niet het geval. Het is extra zuur dat aan de andere kant, wanneer we moeten wachten bij magazijnen, wel automatisch mag gefactureerd worden. Waarom daar wel en bij de terminals niet?” 

MPET

Dat het anders kan, bewijst de aanpak bij MPET, zeggen de transportondernemers. “Daar wordt er wel naar ons geluisterd en probeert de manager binnen zijn macht zaken te bewegen. Zo zijn er op onze vraag bijvoorbeeld toiletten gekomen voor de chauffeurs”, zegt Delcroix. Gommeren beaamt. “Bij MPET draait het perfect. De terminal daar is ook groot genoeg in tegenstelling tot de andere terminals die kampen met het gigantisme waarbij steeds grotere schepen aanmeren en de terminal daar eigenlijk niet groot genoeg voor is.”

Yannick de Spiegeleir

Morgen: “Ook hier kans op lege rekken door Mobility Package”