UNICEF: “Partners als DP World en PoAB maken verschil voor ons”

Nieuws, Logistiek
Koen Dejaeger
Dirk Van Den Bosch (DP World), Dorte Andersen Friis (UNICEF) en Stefan Cassimon (PoAB)
Dirk Van Den Bosch (DP World), Dorte Andersen Friis (UNICEF) en Stefan Cassimon (PoAB) © Port of Antwerp-Bruges

Het staat mooi in het jaarverslag van elk bedrijf, een partnership met UNICEF. Maar het is precies de samenwerking met spelers als Port of Antwerp-Bruges en DP World die op het terrein het verschil maken, stelt de organisatie.

Tijdens het event Club Afric van Port of Antwerp-Bruges (PoAB) lag de focus op de samenwerking tussen logistieke spelers die actief zijn in Afrika en de organisatie UNICEF. Als onderdeel van de Verenigde Naties streeft UNICEF ernaar dat ieder kind toegang heeft tot essentiële diensten en benodigdheden. Het doet dat door gerichte acties op het terrein, samen met diverse partners en privébedrijven.

Nummer 1 cargotrafiek

Een van hen is havenbedrijf Port of Antwerp-Bruges. “Onze haven is de nummer 1 wat betreft cargotrafiek naar Afrika”, zegt Stefan Cassimon, directeur bij Port of Antwerp-Bruges. “Dat wil zeggen dat we heel veel kennis en knowhow hebben, die we ten dienste kunnen stellen van UNICEF.” Zo zet Port of Antwerp-Bruges mee zijn schouders onder de ontwikkeling van nieuwe havens, en kan het ook problemen zoals corruptie helpen indijken.

Een andere belangrijke partner is DP World. “Vandaag speelt de gebrekkige infrastructuur Afrika parten”, licht CEO Dirk Van Den Bosch toe. “Door te investeren in de logistieke keten, kunnen we de handel bevorderen. Natuurlijk doen we dat in diverse havens, maar we zetten ook in op platformen die intra-Afrikaanse handel faciliteren. We vinden het ook belangrijk om iets terug te geven aan de regio’s waar we actief zijn, en zetten daarom in op begeleiding en training van lokale medewerkers.”

Onmiddellijk verschepen

Uiteraard pakken bedrijven graag uit met een partnership met UNICEF. Maar die maken wel het verschil op het terrein, onderstreept Dorte Andersen Friis, partnershipmanager UNICEF. Ze haalt als voorbeeld de verdeling van de vaccins tijdens de pandemie aan: “Eens je de vaccins hebt, dien je ze onmiddellijk te verschepen, zodat ze niet verloren gaan – zelfs al waren het soms slechts beperkte hoeveelheden. Daarvoor heb je partners nodig die daar prioriteit aan geven.”

Belangrijk daarbij is dat je steeds op zoek gaat naar een gedeeld belang, klinkt het bij Andersen Friis. “De partnerships moeten werken voor de beide partijen, het is nooit alleen geven of nemen. Blijven we bij het voorbeeld van covid. Voor UNICEF en voor de luchtvaartmaatschappijen was er een gezamenlijk belang om de vaccins zo snel mogelijk ter plaatse te krijgen, voor ons om evidente redenen maar ook voor de luchtvaart zodat deze sector opnieuw zou kunnen normaliseren.”

Jobs lokale bevolking

Dat geldt ook voor de ontwikkeling van havens, ook daar gaat het om het delen van kennis en knowhow, benadrukt Andersen Friis. “Het is belangrijk om veel respect te hebben voor elkaar als partners en om dezelfde taal te spreken en een gezamenlijk doel te definiëren. Als je bijvoorbeeld een nieuwe haven bouwt in een regio waar de jobs schaars zijn, heeft het weinig zin om alles te gaan automatiseren, omdat je dan jobs wegneemt van de lokale bevolking. Daarom bekijken we samen met onze partners zoals Port of Antwerp-Bruges en DP World hoe we de ontwikkeling van logistieke platformen zo duurzaam mogelijk kunnen maken door de sociale, economische en omgevingsaspecten mee op te nemen.”

Doen uw partners genoeg? “De wereld is er niet zo best aan toe, en we zouden allemaal meer moeten doen, maar we moeten dat samen doen. Door covid zijn we teruggeslagen. We hebben tien jaar vooruitgang zien verdwijnen. De wereld doet vandaag niet voldoende.”

“We zijn bijzonder verheugd met onze partners, maar we moeten allemaal meer doen. Als er ooit een moment is om een tandje bij te steken, dan is het nu”, besluit ze.