Infrabel: “Treinfrequentie verhogen voor meer capaciteit geen optie”

Nieuws, Spoorvervoer
Koen Heinen
Spoor Antwerpen haven rangeerstation
Spoor Antwerpen haven rangeerstation © Flows / Den Antwerpenaar

Op het Belgische spoornet en in de meeste Europese landen bedraagt de ruimte tussen twee treinen drie minuten. Door die tijd in te korten zou er meer capaciteit op het spoor ontstaan, maar volgens spoornetbeheerder Infrabel is dat quasi onmogelijk.

Het was Paul Hegge, vertegenwoordiger van het Belgian Rail Freight Forum, die het idee opwierp tijdens het havencongres van North Sea Port op 16 november. Hij zei dat door het feit dat er in België en Nederland vier minuten (volgens Infrabel drie minuten) zitten tussen elke trein, een en ander trager verloopt dan in andere Europese landen. Volgens hem zou de logistiek in België voordeel kunnen halen uit het verkorten van die interval tussen twee treinen.

Historisch

Thomas Baeken, woordvoerder van Infrabel, zegt dat de ruimte tussen twee treinen in België en de meeste Europese landen drie en geen vier minuten bedraagt. “Die ‘headway’ of ruimte tussen twee treinen is een ontwerpparameter die de netbeheerder bepaalt. Dat is historisch zo gekozen en binnen Europa is drie minuten de algemene norm”, zegt hij.

De seininrichting, met lichten en sensoren in het spoor, is afgestemd op die ontwerpparameter. “Het spoor is onderverdeeld in secties. Elke sectie wordt afgedekt met seinen. Wanneer een trein zo’n sectie binnenrijdt met groen, springt het sein op rood zodat geen andere trein die sectie kan binnenrijden. Zo’n sectie is 1,2 à 1,5 kilometer lang. Als de ruimte tussen twee treinen zou ingekort worden, moeten alle seinen, lichten en sensoren en alle secties aangepast worden. Dat is een gigantische operatie en zo goed als ondoenbaar. De kosten zouden veel hoger oplopen dan de baten”, zegt de woordvoerder.

Dubbel geel

Die drie minuten zijn de theorie. “In real time kan daar van afgeweken worden. Net zoals in het wegverkeer waar  lichten rood, groen en oranje kunnen zijn, zijn er bij het spoor ook verschillende standen. Een daarvan is ‘dubbel geel’. Bij die stand kan een trein toch een volgende sectie die op rood staat, inrijden maar dan wel tegen een aangepaste snelheid van 40 km/u. Daardoor valt het capaciteitsvoordeel weg. De maximale capaciteit bedraagt in theorie twintig treinen per spoor per uur”, legt Baeken uit.

ETCS level 3

Tegen eind 2025 moet heel het Belgische spoornet uitgerust zijn met het Europese veiligheidssysteem ETCS. “Dat systeem bestaat uit verschillende levels. Nu zijn dat levels 1 en 2. In de toekomst komt daar nog een level 3 bij waardoor fysieke seinen en sensoren overbodig worden. Het veiligheidssysteem volgt  in dat geval de rijdende trein. Op dat moment zullen treinen wel dichter op elkaar kunnen rijden waardoor er een capaciteitswinst ontstaat”, zegt Baeken.

Langere treinen

Een andere maatregel die voor meer capaciteit op het spoornet kan zorgen, is het rijden met langere treinen tot 740 meter. Daarvoor worden al de nodige infrastructuurwerken gepland op zowel de rangeerstations als op het spoornet zelf met de aanleg van uitwijksporen op de belangrijke goederenspooras Montzenroute.