Conservator MAS brengt Antwerps watererfgoed voor het eerst in kaart

Nieuws, Scheepvaart
Michiel Leen

Het Museum aan de Stroom (MAS) beheert een uitgebreide collectie erfgoedschepen. Een groot deel daarvan is een erfenis van het vroegere Nationaal Scheepvaartmuseum. Een erg heterogene collectie, die tot nu toe niet heel systematisch in kaart was gebracht. Nu er, weliswaar nog niet in steen gebeitelde, plannen zijn voor een maritiem museum op de Droogdokkensite in Antwerpen, is het hoog tijd om de collectie te inventariseren en de verschillende schepen en bootjes te taxeren op hun erfgoedwaarde, uniciteit, relevantie voor een ‘Antwerps’ dan wel breder verhaal over de scheepvaart. 

Eindelijk overzicht 

Waander Devillé, conservator van het Maritiem Erfgoed bij het MAS, werkte het afgelopen jaar aan een uitgebreide studie van de collectie. Daarbij werd hij bijgestaan door Agentschap Onroerend Erfgoed, ETWIE, maar ook het middenveld van organisaties die het maritiem erfgoed een warm hart toedragen: Maritiem & Logistiek Erfgoed vzw, Rijn- & Binnenvaartmuseum vzw, Scheepvaartmuseum Baasrode vzw en Vrienden van het Nationaal Scheepvaartmuseum vzw enzovoort. 

“Onze eerste taak was een overzicht bieden van wat we precies in huis hadden, want zelfs dat was niet altijd duidelijk”, zegt Devillé. “Om daarna voor elk stuk na te gaan wat de erfgoedwaarde ervan is: heeft het schip een band met Antwerpen, is het een uniek voorbeeld van een bepaalde scheepsklasse, heeft het emotionele of onderzoekswaarde?” De heterogeniteit van de collectie, met zowel (ex-)marineschepen als binnenschepen, maar evengoed sportieve zeilbootjes en veerpontjes, is een achilleshiel. Niet alle stukken uit de collectie hebben een even duidelijke link met Antwerpen. Het staat in de sterren geschreven dat daar vroeg of laat knopen moeten worden doorgehakt. 

Toekomst

Ook de staat van de schepen en boten in de collectie wordt besproken. Die is voor bepaalde stukken erg precair en vereist actie. “De volgende stap is het uitbouwen van een collectieplan”, zegt Devillé. De toekomst van de collectie hangt erg samen met wat de volgende Antwerpse legislatuur beslist in verband met de bouw van een maritiem museum op de oude Droogdokkensite. 

Opnieuw varen? 

Pit De Jonge, organisator van het watererfgoedfestival Water-rAnt, is opgetogen over de studie. “Je vraagt je af waarom dit niet eerder is gebeurd. Het is positief dat er nu eindelijk een wetenschappelijk onderbouwde studie voorligt. Nu moeten we kijken welke stukken een symboolwaarde of collectiewaarde hebben. Niet onbelangrijk: bij veel stukken hoort een archief aan documentatiemateriaal, dat zou je ook moeten kunnen ontsluiten op termijn. Met deze studie is er een basis om later beslissingen te nemen over een eventueel museum op het Droogdokkeneiland. Ik vind het positief dat bij bepaalde stukken wordt vermeld dat ze weer in de vaart kunnen worden gebracht, wat de bezoeker alleen maar ten goede zou komen.” 

Tegelijk stipt de studie aan dat het in stand houden van de collectie, laat staan het (opnieuw) laten varen van de antieke schepen, nogal wat praktische bezwaren met zich meebrengt. Knowhow, middelen en vooral plannen om de projecten leefbaar te houden op langere termijn, zijn niet zomaar voorhanden. “Wil je die collectiestukken effectief laten varen, dan heb je een beheersplan nodig”, erkent De Jonge. “Deze studie is een belangrijke eerste stap, er is nu eindelijk een wetenschappelijke basis voor verdere discussies.”

Michiel Leen