Katoen Natie snoept kraanrecord af van Zuidnatie

Nieuws, Scheepvaart
Jean-Louis Vandevoorde

De groep van Fernand Huts neemt (samen met Liebherr) de koppositie qua eigen hefvermogen in Antwerpen over van Zuidnatie (en Gottwald). Die andere Antwerpse stouwer beschikt sinds mei vorig jaar op zijn terminal aan het Churchilldok over twee 200–ton kranen die samen 400 ton kunnen tillen.

Katoen Natie gaat nog net iets hoger. De twee nieuwe Liebherr LHM 600 mobiele havenkranen hebben elk een hefvermogen van 208 ton. Wanneer ze gecombineerd worden, kunnen ze ladingen  tot 416 ton aan. Ze kunnen in tandemmodus net als de twee kranen van Zuidnatie door één operator bediend worden. De reikwijdte bedraagt in beide gevallen 58 meter.

Maar dat ze nu “de grootste” hebben, zetten de verantwoordelijken van Katoen Natie gisteren bij de officiële ingebruikname (inclusief lichtshow en een spectaculaire demonstratie) met onverholen plezier in de verf.

Reuzensprong

De kleine stap vooruit qua hefvermogen ten opzichte van Zuidnatie is een reuzensprong voor Katoen Natie.Tot voor kort lag het maximum bij Katoen Natie op 100 ton, zegt Ivan Hollanders, algemeen directeur van de terminals op de Antwerpse rechteroever. De lat schoof vorig jaar al op naar 140 ton met een nieuwe kraan op de ABES-terminal aan het Vijfde Havendok. De groep kocht ook een tuig met dat vermogen voor zijn vestiging in het Franse Rouen-Radicatel.

Voor zijn vier nieuwe kranen trok Katoen Natie in totaal 14 miljoen euro uit. Die “blijk van vertrouwen op lange termijn in Antwerpen” past in een programma voor de vervanging van het bestaande kranenpark, maar geeft ook aan dat de groep blijft inzetten op breakbulk. Katoen Natie mikt in het bijzonder op zware ladingen en project cargo om zijn marktaandeel in die sector te versterken. “We gaan ervoor. We gaan ons kranenpark verder moderniseren en er zijn eveneens investeringen in ander materieel zoals hydraulische trailers gepland ”, onderstreept Hollanders.

Concurrentiepositie

Zoveel mogelijk kunnen werken met eigen kranen is belangrijk voor de concurrentiepositie, voegt hij daar aan toe. “Grote kranen inhuren is een dure zaak. Met eigen kranen kunnen we onze prijzen scherpen zetten, flexibeler werken en onze klanten een  betere service bieden. Bovendien winnen we aan competitiviteit tegenover buurhavens zoals Rotterdam.”

“Size does matter”, onderstreepte men gisteren herhaaldelijk bij Katoen Natie. Maar om de positie van Antwerpen als belangrijkste breakbulkhaven veilig te stellen zijn ook andere ingrepen nodig. Op Linkeroever maakt de groep van Fernand Huts zich bijvoorbeeld grote zorgen over de bereikbaarheid aan landzijde.