Wellicht voor jaareinde ecocombi op Waalse wegen

Waals minister van Openbare Werken Di Antonio (cdH) keurt zeer binnenkort een regeling goed voor een proef met ecocombi’s. Drie bedrijven staan klaar: Jean Vincent, Van Mieghem en Ninatrans.

Het zag ernaar uit dat, na lang dralen, de proeven met ecocombi’s in Wallonië een vliegende start zouden nemen. Het Waalse Gewest publiceerde in juni 2016 een decreet dat het licht op groen zette voor de pilots. In november legde toenmalig minister van Openbare Werken Maxime Prévot (cdH) de modaliteiten vast en mochten de vervoerders kandideren. Vanaf 1 januari zou het project starten.

Vandaag rijdt er evenwel nog geen enkele ecocombi in Wallonië. Een aantal praktische details moesten in een ministerieel besluit gegoten worden. Die is nog altijd niet in het Staatsblad verschenen, maar waarom is nog niet duidelijk.

Volgens sommige bronnen kwam dat omdat ambtenaren veel stroever waren dan de politici. Die laatsten wilden in Wallonië zeer soepele regels, onder andere qua trajecten. De ambtenaren legden evenwel technische beperkingen op, onder andere voor de goedkeuring van de dolly’s. De technische eisen zouden strenger zijn dan in Vlaanderen, Nederland en Duitsland. Dat probleem is nu geregeld, maar volgens (onbevestigde) informatie zou hierdoor het maximale gewicht van de combinatie van 60 ton tot 58 ton worden herleid.

Dan toch opleiding

Een tweede reden voor de vertraging betreft de opleidingen. Oorspronkelijk wou Prévot, om vaart te zetten achter het project, een soepeler regeling invoeren. De chauffeurs zouden pas over een bekwaamheidsattest moeten beschikken vanaf het moment dat er in Wallonië een opleiding wordt georganiseerd die door de minister is goedgekeurd. Zolang er geen erkende opleiding bestaat, zou die eis dus niet gelden.

Met de tijd groeide evenwel het besef dat dit een bom legde onder het project. Als er een ongeval zou gebeuren met een niet specifiek opgeleide chauffeur, zou heel het project op helling komen te staan.

Het probleem van de opleidingen wordt nu geregeld door het ministerieel besluit. Oorspronkelijk leek het erop dat die opleiding (van één dag) zou verzorgd worden door een chauffeur als formateur erkend door het Sociaal Fonds voor Transport en Logistiek én houder van het CCV-certificaat ‘chauffeur lange zware voertuigen’ uitgegeven door het Nederlands Centraal Bureau Rijbewijzen, of door een opleider door dat bureau erkend voor de CCV-certificaten.

In beide gevallen kon de taalbarrière voor problemen zorgen. De lessen moeten in de taal van de chauffeur gegeven worden, tenzij via een tolk. Op vraag van UPTR is nu ook een derde mogelijkheid voorzien: ook opleiders die voor de 'code 95' erkend zijn door de gewesten zouden de lessen mogen geven, tenminste als ze een CCV-certificaat hebben. Hierdoor wordt taalprobleem opgelost. “Wij vragen ons dan ook af waarom het ministerieel besluit nog altijd niet is ondertekend”, zegt UPTR-secretaris-generaal Michael Reul.

Voor eind dit jaar

Volgens François Dubru, woordvoerder van minister Di Antonio, is dat evenwel een kwestie van dagen. “Wij zijn nu nog een aantal microdetails aan het regelen, zodat de minister tussen nu en veertien dagen kan tekenen. Dan is het wachten op de publicatie in het Staatsblad, wat doorgaans twee weken tot twee maanden kan duren. Dat gebeurt dus zeker voor het einde van het jaar."

Drie transportbedrijven hebben al formeel een dossier ingediend: Jean Vincent, Van Mieghem en Ninatrans (naar verluidt voor een traject dat zich beperkt tot Wallonië). Zij wachten nog op de handtekening van de minister voor de goedkeuring ervan. “Dat zal gebeuren parallel met de ondertekening van het ministerieel  besluit. Hun ecocombi’s zullen dan mogen rijden vanaf de datum van publicatie in het Staatsblad”, zegt hij tot slot.

Philippe Van Dooren