Vervoerders investeren beduidend minder door vertraging economie

Tijdens het vierde kwartaal van vorig jaar hebben de Belgische vervoerders een duidelijke daling van de transportactiviteit waargenomen. Daardoor bestelden ze veel minder voertuigen. Dat leidt tot een fikse daling van de leveringen in februari.

Het Instituut Transport en Logistiek België (ITLB) publiceerde zopas de resultaten van de conjunctuurenquête voor het vierde kwartaal 2019. “Er is een vermindering van de vervoeractiviteit vastgesteld. Sommigen maken zelfs gewag van een algemene economische vertraging. De gewogen saldi van de antwoorden bedragen -3% in het nationaal vervoer en -7,3% in het internationaal vervoer”, noteert het ITLB.

Dat vertaalde zich in een daling van de investeringen: 33,7% van de vervoerondernemingen realiseerde in de loop van het kwartaal een investering, tegenover 36,8% in het voorgaande kwartaal en 37,9% een jaar terug. In 72% van de gevallen ging het om een vervanging, vooral van een motorvoertuig.

Een derde minder trekkers

De cijfers voor februari van Febiac en de FOD Mobiliteit bevestigen de trend. De inschrijvingen van zware trucks – die de aankopen altijd met enige vertraging weergeven – zijn met bijna een kwart gedaald (-23,7%) en zelfs met bijna een derde (30,9%) voor wat de trekkers betreft.

Dat brengt de daling van inschrijvingen van trekkers tijdens de eerste twee maanden van het jaar op -41,85%. Volgens sommige merkenvertegenwoordigers zijn de cijfers beïnvloed door een statistische fout die rechtgezet wordt. Toch duiden de cijfers voor de opleggers in dezelfde richting. In februari zijn 675 opleggers ingeschreven (-12,6%). De daling tijdens de twee eerste maanden was -23,1%.

Deze forse dalingen dienen echter ook genuanceerd: 2018 en 2019 waren uitzonderlijk goede jaren. Dat de vervoerders op de rem gaan staan is duidelijk, maar voorlopig lijkt het erop dat het eerder om een marktcorrectie gaat.

Kostprijs licht gestegen

Terug naar de ITLB conjunctuurcijfers voor het vierde kwartaal 2019. Het merendeel van de vervoerders stelt vast dat zowel de kostprijs als de vrachtprijs op hetzelfde niveau bleven, maar andere bedrijven signaleren een lichte verhoging van de kostprijs. De boosdoeners zijn de brandstoffen, de onderhoudskosten, de tolkosten en het tijdverlies door files. Dat laatste kan veelal onvoldoende doorgerekend worden.

Gemiddeld kampt 11,2 % van de vervoerbedrijven met liquiditeitsproblemen, ten opzichte van 10,6% in voorgaand kwartaal en 10,5% een jaar terug. De gemiddelde toegestane betalingstermijn bedraagt 39 dagen.

Chauffeurstekort blijft

Het personeelsbestand is licht gedaald bij de chauffeurs (maar nipt gestegen bij de niet-rijdende arbeiders en de bedienden). Toch blijft het aantal vacatures hoog: iets meer dan een op vier vervoerders is op zoek naar een chauffeur.

Ondanks geleverde inspanningen, zowel van overheidswege als op bedrijfsniveau, blijft de instroom van jonge chauffeurs ondermaats. Sommige bedrijven stellen vast dat, eens het rijbewijs behaald, veel chauffeurs elders een job zoeken.  

Philippe Van Dooren