TLV: "Pot verf soms genoeg voor goedkeuring ecocombi-traject"

Het gebruik van ecocombi’s in Vlaanderen neemt nog maar traag toe. Beroepsorganisatie Transport en Logistiek Vlaanderen (TLV) vraagt dat er meer aantakkingstrajecten worden goedgekeurd. “Soms is een pot verf voldoende”, zegt Lode Verkinderen.

Gisteren vergaderde de evaluatiecommissie van het tweede proefproject langere en zwaardere vrachtwagens (LZV's), of ecocombi's, dat in 2018 startte. De leden – waaronder directeur Verkinderen van TLV (beroepsorganisatie van ondernemingen in transport en logistiek) – kregen een voorlopig overzicht van de resultaten. Een formeel evaluatierapport zal het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) in de tweede helft van januari 2021 publiceren.

“In de stand van zaken sprongen twee aspecten in het oog. Een eerste is de problematiek van de opritten. Sommige aantakkingstrajecten worden niet goedgekeurd omdat de oprit naar de snelweg te kort is. Ze moet minstens 250 meter lang zijn om de lzv’s de kans te geven om genoeg snelheid te halen en veilig in te voegen. Heel wat van die opritten zouden gemakkelijk in aanmerking kunnen komen als ze worden verlengd. Vaak zou dat met een figuurlijk potje verf verholpen kunnen worden”, zegt Verkinderen.

Maar AWV maakte nog geen analyse van de problematiek. Het agentschap weet dus niet welke opritten verlengd kunnen worden zonder wijzigingen aan de infrastructuur. “Daarom heeft TLV herhaald dat AWV daar werk moet van maken”, voegt Verkinderen toe. Volgens hem is dat een van de aspecten die verklaren waarom het LZV-verkeer in Vlaanderen zo traag groeit. “Sommige vervoerders doen de moeite niet eens om een aantakkingstraject aan te vragen omdat de oprit te kort is.”

Vijfhonderd ritten per maand

“Een echte groei van het ecocombiverkeer in Vlaanderen blijft uit. De afgelopen maanden was de toename traag. Maandelijks zijn er 500 ritten of zo’n 20 per dag. Dat is weinig als men weet dat er in Vlaanderen 120 vergunde LZV’s zijn. Een belangrijke reden is de coronacrisis. Zoals men weet is het verkeer terug op precoronaniveau maar niet de activiteit: niet alle vrachtwagens rijden vol. In veel gevallen is de inzet van een LZV daarom niet verantwoord”, zegt Verkinderen nog.

Meer Nederlanders, minder ritten

Wat uit de voorlopige evaluatie nog blijkt, is dat proportioneel meer Vlaamse LZV’s in Vlaanderen rijden dan Nederlandse. “Een duidelijke meerderheid van de vergunde voertuigen zijn in Nederland ingeschreven. Als men naar de uitgevoerde ritten kijkt, dan blijkt dat er evenveel zijn afgelegd door Vlaamse en Nederlandse voertuigen. Dat betekent dat per vergunning proportioneel meer Vlaamse dan Nederlandse LZV’s worden gebruikt”, klinkt het nog.

Philippe Van Dooren