Spoor heeft geen antwoord op concurrentie van wegvervoer

Het goederenvervoer per spoor in Europa is er de voorbije 15 jaar niet in geslaagd te reageren op de concurrentie van het wegvervoer. Volgens de Europese Rekenkamer zal financiering alleen niet helpen om het probleem aan te pakken.

Controleurs van de Europese Rekenkamer bezochten tussen 2014 en midden 2015 vijf lidstaten – de Tsjechische Republiek, Duitsland, Frankrijk, Spanje en Polen – in het kader van een onderzoek naar de prestaties van het goederenvervoer per spoor in de EU dat sinds 2000 loopt. Volgens de Rekenkamer vloeide er in de periode 2007-2013 naar schatting 28 miljard euro uit de Europese begroting naar de financiering van spoorprojecten.

Ondanks die financiering en de prioriteit die door de Europese Commissie gegeven wordt aan de modal shift van de weg naar het spoor, is het goederenvervoer per spoor er volgens het Rekenhof in de afgelopen 15 jaar niet in geslaagd op doeltreffende wijze te reageren op de concurrentie van het wegvervoer. Het gemiddeld aandeel van het goederenvervoer per spoor, een aantal landen zoals Oostenrijk, Duitsland en Zweden uitgezonderd, is sinds 2011 zelfs licht gedaald.

Vaststellingen

De controleurs van de Rekenkamer stelden vast dat verladers duidelijk de weg boven het spoor verkiezen. Volgens hen is nog geen sprake van een gemeenschappelijke Europese spoorwegruimte en bestaat het spoornet van de EU nog steeds grotendeels uit een stelsel van afzonderlijke nationale netwerken met verschillende nationale autoriteiten en uiteenlopende regels inzake treinpadtoewijzing, beheer en tarieven.

Verkeersmanagementprocedures zijn niet aangepast aan de behoeften van het goederenvervoer per spoor, ook niet op de Europese spoorcorridors. De controleurs stelden bovendien vast dat in de bezochte lidstaten tussen 2007 en 2013 meer EU-middelen naar het wegvervoer gingen dan naar het spoor. Middelen die toch aan het spoor werden toegewezen waren niet in de eerste plaats gericht op de behoeften van het goederenvervoer.

Tot slot wijzen ze op de impact van slecht onderhoud van het spoornet op de duurzaamheid en de prestaties.

Oplossing

Ladislav Balko, lid van de Europese Rekenkamer, benadrukt dat indien de vastgestelde problemen niet worden aangepakt, het probleem niet kan worden opgelost door financiering alleen. “De Commissie en de lidstaten moeten de trein- en trajectbeheerders helpen om de betrouwbaarheid, frequentie, flexibiliteit, klantgerichtheid, vervoersduur en prijs van het goederenvervoer per spoor te verbeteren”, zegt hij.

De Rekenkamer wil dat de Europese Commissie de zwakke schakels aanpakt zoals de verkeersmanagementprocedures, administratieve en technische beperkingen, transparantie van de prestaties en de eerlijke concurrentie tussen de verschillende modi. Bovendien vraagt het de Commissie om beleidsdoelstellingen beter af te stemmen op de toewijzing van middelen en de selectie, planning en het beheer van projecten en het onderhoud van het netwerk. Op die manier kunnen de EU-middelen beter gebruikt worden.