Malaise binnenvaart nekt opportuniteiten Belgische scheepswerven

België telt nog een tiental werven voor de bouw en herstelling van binnenschepen. Ze zijn echter bedreigd in hun voortbestaan omdat de opportuniteiten die er zijn niet altijd haalbaar zijn wegens het moeilijke financiële klimaat in de binnenvaart.

‘Verdwijnen scheepswerven in België?’ is de titel van de masterthesis die Thomas Dewulf voltooid heeft binnen de Universiteit Antwerpen (UA). Dewulf studeert af aan de faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen als master na master Maritieme Wetenschappen. In 2010 haalde hij al een master Nautische Wetenschappen en werkt sindsdien voor baggeraar Jan De Nul als eerste officier.

Voor zijn thesis analyseerde hij de markt van de scheepswerven in België vanuit een financieel oogpunt. Promotor was dr. Christa Sys.

Scheepsbouwers en -herstellers hebben niet kunnen profiteren van de investeringen die de overheden de voorbije jaren hebben gerealiseerd in binnenvaartinfrastructuur en in de binnenvaart in het algemeen, zo blijkt.

Weinig aandacht

De werven zouden een rol kunnen spelen in de vergroening van de binnenvaart, als gevolg van de strengere emissie- en milieueisen, maar is dat ook zo? Uit het onderzoek blijkt dat ons land nog een tiental werven voor de bouw en herstelling van binnenschepen telt. De conjunctuurevolutie in de binnenvaart vormt de grootste bedreiging. Er worden geen nieuwe schepen gebouwd en herstellingen of vernieuwingen worden uitgesteld. Volgens Dewulf zijn er nochtans verschillende opportuniteiten die, mits een goede aanpak en de nodige steun van de overheid, de Belgische werven vooruit kunnen helpen.

Ook tegen het licht van de door Europa voor de binnenvaartsector uitgetekende toekomstscenario’s, moet voorkomen worden dat de scheepswerven verder verdwijnen. Uit de studie blijkt echter dat er bijzonder weinig aandacht is voor de sector.

Verleden

In de 19de en 20ste eeuw telde ons land nog een honderdtal scheepswerven. Onder meer de oliecrisis in 1973 en de inzakkende conjunctuur deden heel wat werven verdwijnen. Eind jaren 80 begin jaren 90 zorgde de grote concurrentie van Oost-Europese en Aziatische werven voor een nieuwe faillissementsgolf. De productie van casco’s verschoof meer en meer naar lageloonlanden. Meer recent bracht de financiële en economische crisis in 2009 nog meer werven in de problemen. Dat uitte zich opnieuw in een aantal faillissementen en dalende omzetcijfers en werknemersaantallen. In 2013 telden de binnenvaartscheepswerven in België nog 171 werknemers.

Sterktes en zwaktes

Uit interviews met bevoorrechte getuigen blijkt dat de ligging van de werven hun grootste sterkte is. Nagenoeg alle werven zijn gelegen aan een grote en toegankelijke waterweg. De centrale ligging van het Belgische waterwegennet is een bijkomende troef.

Anderzijds kampt de sector met een tekort aan jonge vakbekwame werknemers. Met de sluiting van de grote werven verdwenen ook bijna alle studierichtingen gelinkt aan scheepsbouw. Bovendien nadert een groot deel van de resterende vakbekwame werknemers de pensioengerechtigde leeftijd. Ook het imago van het beroep, met onregelmatige uren en zware werkomstandigheden, speelt de sector parten bij het vinden van gemotiveerd personeel. Daarom moeten de werven beroep doen op buitenlandse arbeidskrachten.

Infrastructuur

Sommige Belgische scheepswerven kampen met verouderde infrastructuur, maar als gevolg van het actuele financiële klimaat zijn investeringswerken momenteel niet altijd haalbaar. Daardoor verliezen ze aan competitiviteit ten opzichte van werven uit de naburige landen.

Opportuniteiten en rol overheid

Strengere milieueisen, nieuwe waterwegen zoals Seine-Schelde en innovatie en diversificatie bieden opportuniteiten voor de Belgische scheepswerven. Door het moeilijke financiële klimaat en de malaise in de binnenvaart kunnen die echter niet verzilverd worden.

Volgens Dewulf kan de overheid een rol spelen in de heropleving van de sector. Zo zouden subsidies voor het vernieuwen van de infrastructuur de werven opnieuw competitiever maken. Steun voor schonere motoren of andere innovatieve technologie zou de schippers kunnen aanzetten om toch te investeren in hun schepen. Om de sector opnieuw aantrekkelijk te maken bij pas afgestudeerden zou de overheid een leidende rol kunnen nemen in het opzetten van samenwerkingsinitiatieven tussen de werven, technische en beroepsscholen en de VDAB.

In de thesis wordt tevens verwezen naar het bestaan van belangenverenigingen van scheepsbouwers en -herstellers in Nederland. In België bestaan ze niet. Toch zouden ze volgens Dewulf hun nut kunnen bewijzen door het imago van de sector op te frissen en voor naambekendheid te zorgen bij schippers en reders in binnen- en buitenland, bij inspectiebureaus en bij mogelijke investeerders.