Geert Pauwels: “Spoorlawaai is gemeenschapsprobleem, zij moet betalen”

Sommige Europese lidstaten willen lawaaiige goederenwagons van hun spoornet bannen vanaf 2020. De sector kan de kosten voor het retrofitten van de wagons niet zelf dragen. Geert Pauwels, CEO van Lineas, vindt dat de gemeenschap moet betalen.

Landen als Duitsland, Nederland en Zwitserland willen lawaaiige wagons vanaf 2020 van hun spoornet bannen. Zij geven al financiële steun voor het retrofitten, ook aan buitenlandse operatoren die van hun spoornet gebruik maken. De spooroperatoren zeggen dat door de hoge kosten voor het retrofitten ze niet tijdig klaar zullen zijn. Zij vrezen voor een ‘reverse modal shift’ van het spoor naar wegvervoer.

 “Dit is een probleem van de gemeenschap, zij moet de kosten voor het retrofitten dragen”, zei Pauwels in een paneldiscussie over het financieren van het retrofitten tijdens een evenement van de Europese spoororganisatie CER rond het thema. Hij werd daarin bijgetreden door Jan Kilström, CEO van het Zweedse Green Cargo. “Onze klanten klagen niet over lawaaihinder, dat zijn de burgers”, zei hij.

Eerder had Europees Transportcommissaris Violetta Bulc er in haar openingstoespraak op gewezen dat in de EU zo’n 19 miljoen inwoners last hebben van spoorlawaai. Volgens Bulc gelden sinds 2006 geluidslimieten voor nieuwe wagons. Aangezien jaarlijks slechts 2% tot 3% van het wagonpark vernieuwd wordt, zal het nog jaren duren vooraleer alle wagons met ‘stillere’ remmen zijn uitgerust. De enige oplossing volgens haar is retrofitten van de bestaande vloot.

Financiering

Jürgen Wilder, topman van DB Cargo, berekende dat het retrofitten per wagon tussen 1.500 en 2.000 euro kost. Voor de hele wagonvloot in de EU, zo’n 360.000 goederenwagons, betekent dat een investering van ruim 700 miljoen euro. De stillere composietremmen vergen echter meer onderhoud en dat kost nog eens 500 tot 1.000 euro per wagon per jaar. Over een periode van vijf jaar gerekend, komt dit volgens Wilder neer op een investering van 2 miljard euro voor de spooroperatoren. “Hierover moet serieus gediscussieerd worden. Als we willen dat het spoorvervoer door de gemeenschap aanvaard wordt, dan moeten we het lawaai bannen”, zei hij. Ook Europarlementslid Michael Cramer gelooft dat het spoorvervoer enkel een toekomst heeft als er een oplossing komt voor de lawaaihinder. “Europa kan beter een miljard euro investeren in het retrofitten van de wagons dan 12 miljard euro in het plaatsen van geluidswerende muren”, zei hij.

Spooroperatoren kunnen voor het retrofitten al beroep doen op het Europese financieringsmechanisme Connecting Europe Facility (CEF). Het gaat om een cofinanciering van maximaal 20%. Geert Pauwels raamt de kosten voor het retrofitten van de wagonvloot van Lineas op enkele tientallen miljoenen euro. “Wij willen cofinanciering tot 80% van de totale kost”, zei hij. Lineas heeft bij de Europese Investeringsbank (EIB) ook al een aanvraag ingediend, zodat de hele vloot van zo’n 6.000 wagons tegen 2020 kan aangepast worden. De EIB is bereid om de spoorsector te steunen met leningen tot maximaal 50% van de totale kost.

Oplossingen

Tijdens het debat werden ook een aantal tijdelijke oplossingen naar voor geschoven. Zo wordt in Zwitserland een bonussysteem gehanteerd waarbij ‘stillere wagons’ minder moeten betalen voor gebruik van het spoornet dan lawaaiige wagons. Het systeem wordt tegen 2020 afgebouwd. “Als dit overal zou toegepast worden op eenzelfde manier, zou deze discussie overbodig zijn”, zei Pauwels.

Een andere oplossing is onder meer het vastleggen van ‘stille spoorroutes’ waar enkel niet-lawaaierige wagons mogen rijden. Dit stoot echter op verzet van landen zoals Frankrijk met een sterk gecentraliseerd spoornet. “Moeten we onze vloot dan opsplitsen? Dat zal kostenverhogend werken en voor een reverse modal shift zorgen. De gevoeligheid voor spoorlawaai verschilt van regio tot regio. Laat elke lidstaat dit toepassen naargelang de eigen specificiteit”, zei Sylvie Charles, CEO Rail & Intermodal van SNCF Logistics.

Conclusie

Uit het debat besloot Libor Lochman, executive director van de CER, dat de doelstelling van de spooroperatoren moet zijn om de goederenwagons even stil te maken als in het passagiersvervoer. “Ruim de helft van het spoorvervoer is internationaal. Er moet een Europese regelgeving komen”, zei hij nog. Volgens Lochman moet er bovendien een versnelling hoger geschakeld worden met de 2020-deadline voor ogen. Tot slot moet er ook uitgekeken worden naar bijkomende steun- en financieringsmogelijkheden via de EIB, de CEF of andere pistes.

Koen Heinen