DAF maakt zich klaar voor lancering nieuwe cabine

DAF investeert 200 miljoen euro in zijn cabinefabriek in Westerlo. De constructeur maakt zich hiermee klaar om de productie in de toekomst op te drijven. Dat kan ook gezien worden als een voorbereiding op de lancering van een nieuwe cabine.

DAF opende zijn fabriek in Westerlo in 1966, waar het de cabines produceert voor de trucks in het zware en middelzware segment. Begin jaren zeventig startte daar ook de productie van zijn eigen assen. De cabines en assen worden aan de assemblagefabrieken van DAF in Eindhoven en Leyland geleverd, net als aan derde partijen zoals Tatra en Ginaf.

De constructeur is de laatste jaren uitgegroeid tot het op een na grootste truckmerk in Europa en is marktleider in het trekkersegment. “Om die leidende positie in Europa en daarbuiten te versterken, ontwikkelt DAF volledig nieuwe state-of-the-artproductieprocessen in de fabriek in Westerlo”, meldt het bedrijf.

Met de investering stijgt de productiecapaciteit van de cabinefabriek tot 300 cabines per dag in een tweeploegendienst. De productiecapaciteit komt daarmee op hetzelfde niveau als die van de nieuwe cabinelakstraat die eind 2017 werd geopend, na een investering van 100 miljoen euro. Vandaag is de maximumcapaciteit met een aangepast ploegensysteem 275 cabines per dag. Om dat niveau te halen moet in drie shiften worden gewerkt, plus nog weekenddienst. Tot voor kort werden 254 cabines per dag geproduceerd, maar door de aarzelende markt wordt die volgende maand teruggeschroefd tot 225 per dag.

“Met deze productieverruiming willen we verder groeien, onder meer door de afzet buiten Europa op te drijven”, zegt woordvoerder Rutger Kerstiens. DAF assembleert nu al trucks in Brazilië en Australië, maar het moederbedrijf Paccar heeft van het merk de motor van de internationale groei gemaakt.

‘Body-in-white’

Voor de productie van de ‘kale cabines’ – ‘body-in-whites’ – van de DAF CF en XF, wordt de bestaande fabriek van 17.800 m2 met 13.200 m2 uitgebreid. Er komen zo'n 130 robots en 135 volledig geautomatiseerde laspistolen.

De fabriek waar cabines van interieur- en exterieurdelen worden voorzien – de zogenaamde ‘cab trimming' – vandaag 15.600 m2 groot, wordt uitgebreid met 20.000 m2.

De bouw van de twee nieuwe fabrieken is begonnen. "Binnen twee à drie jaar zijn ze operationeel", zegt Kerstiens nog. Het Belgische bouwbedrijf Cordeel zal de gebouwen – inclusief nieuwe kantoren – realiseren. De lasinstallatie in de bodyfabriek wordt geleverd door VDL Steelweld uit Nederland.

Nieuwe cabines

Tot daar de feiten. Nu wat speculatie. Vermoedelijk zullen de fabrieken niet alleen dienen om de productie op termijn te kunnen verhogen, maar ook om een nieuwe cabine te lanceren. De huidige cabines zijn immers aan vervanging toe. Hoewel DAF meesterlijk de upgrades aan elkaar wist te rijgen, dateert de body-in-white – het skelet, zeg maar – al van 1987. De structuur is een gemeenschappelijk ontwerp van het Spaanse merk Pegaso (inmiddels door Iveco opgeslorpt) en DAF binnen de CabTec joint venture.

Met de natte vinger kan men inschatten dat de twee fabrieken rond 2022 klaar zullen zijn. Dat is ook het jaar dat Europa cabines op de markt zal toelaten met een veel spitsere vorm. Na een jarenlange processie van Echternach is onlangs beslist dat de constructeurs mogen afstappen van de ‘baksteenvorminge’ cabines. Deze ‘direct vision’-cabines zullen niet alleen veiliger, maar ook aerodynamischer zijn, wat een gunstig effect zal hebben op het verbruik. Nu Europa ook een forse daling van de CO2-emissies verplicht, zullen de nieuwe cabines hierin een grote rol spelen.

Verschillende constructeurs spelen al langer met het idee van spitsere cabines. Zo stelde de toenmalige topdesigner van DAF, Bertrand Janssens, in 2007 het XFC-concept voor (tweede foto). Toen een ‘spielerei’ maar vandaag misschien een voorsmaakje van de toekomstige DAF-cabine.

Philippe Van Dooren