Europees Hof fluit Italië terug voor minimumprijzen

Het Europees Hof in Luxemburg stelt dat de Italiaanse wetgeving inzake de minimuprijzen in het wegvervoer niet compatibel is met de Europese wet. Dat doet het op vraag van een Italiaanse rechtbank.

In 2011 heeft het ‘Osservatorio sulle attivita di autotrasporto’, dat samengesteld is uit vertegenwoordigers van de Italiaanse Staat en van wegvervoerders- en verladersorganisaties, een aantal tabellen aangenomen waarin minimumkosten voor het wegvervoer zijn vastgesteld. Dat deed het adviesorgaan op vraag van de Staat, die een wet had goedgekeurd waarin staat dat de prijs voor het vervoer van goederen over de weg niet lager mag zijn dan de minimum operationele kost. Die laatste bestaat uit de gemiddelde brandstofkost per kilometer en de bedrijfskosten van de wegvervoeronderneming.

Om die minimumkosten te bepalen zijn afspraken gemaakt binnen het Osservatorio. Een oliebedrijf, Anonima Petroli Italiana, legde echter hiertegen klacht neer bij de administratieve rechtbank van de regio Lazio. Om zich te kunnen uitspreken, vroeg deze aan het Europees Hof of de Italiaanse wetgeving inzake minimumprijzen compatibel is met de principes van de vrije concurrentie, de vrijheid van onderneming, de vrijheid van vestiging en het vrije verkeer van diensten.

Het Hof heeft zich nu uitgesproken en stelt dat de Italiaanse wetgeving strijdig is met de Europese.