Antwerpse Tri-Vizor doet concurrenten schepen delen in Noorwegen

Supplychain orchestrator Tri-Vizor uit Niel heeft een grote vis gevangen. Het bedrijf orkestreert de samenwerking van twee grote concurrenten in het vervoer van zalmvoer aan de Noorse kust. Alex Van Breedam, CEO van Tri-Vizor, legt uit.

De merken EWOS (onderdeel van Cargill) en Skretting verschepen voedsel voor zalm langs de Noorse kust. De twee concurrenten hebben beslist om hun vracht te gaan bundelen op gedeelde schepen. Dit spaart zowel scheepsverkeer als broeikasgassen uit.

Om dat mogelijk te maken, springt het Antwerpse Tri-Vizor bij. Zij zetten de regels uit die zo’n samenwerking tussen concurrenten toelaat. “In april van vorig jaar kreeg ik een telefoontje van een van de bedrijven,” zegt Alex Van Breedam, CEO van Tri-Vizor. “Toen zijn we met de opzet begonnen. We zijn nu klaar om live te gaan.”

Orchestrator

“Het is exact tien jaar dat Tri-Vizor bestaat,” vertelt Van Breedam. “Je kan gelijk hebben, maar dit is gelijk krijgen. Met dit project kunnen we eindelijk aantonen wat de functie van orchestrator in de praktijk inhoudt. Dit is ook de eerste maal dat we operationeel zullen orkestreren.”

Tri-Vizor dient als trustee in deze samenwerking. Het bedrijf faciliteert dat de twee concurrenten onafhankelijk van elkaar handel drijven. Van Breedam: “Naar de markt toe blijven zij alles apart doen. Zij mogen niet samenwerken zonder een trustee daartussen.”

Gedeelde vloot

Cargill en Skretting zullen een vloot delen die uitgebaat wordt door Eidsvaag. Zo kunnen zij hetzelfde werk met minder schepen verzetten. Bij de planning komt Tri-Vizor opnieuw van pas. “Wij optimaliseren samen met Eidsvaag de manier waarop schepen worden ingezet,” legt Van Breedam uit. “Met elke fjord die je niet in of uit moet varen, creëer je winst.”

De naam van het project heet ‘Fjordfrende’. De schepen zullen daarvan het kenmerk dragen. Doordat er minder schepen worden ingezet, schat men de verminderde uitstoot in het eerste jaar op 15 tot 20 miljoen kilogram CO2. Dit komt overeen met 7.500 auto’s van de weg halen.

Samenwerkingscontract

De vorm van het samenwerkingscontract is ongebruikelijk te noemen in het huidige logistieke landschap. Van Breedam: “We hebben hier te maken met een contract dat zeer lang duurt. Wanneer je een vloot samenvoegt, dan is de impact daarvan niet klein. Wat heel belangrijk is, is dat de CEO’s van beide verladers elkaar het licht in de ogen gunnen.”

“Ik ben blij dat het in Noorwegen is,” besluit Van Breedam. “Scandinavische landen zijn zeer vooruitstrevend op het gebied van duurzaamheid en samenwerking, en ze hebben daar hun weg naar ons gevonden.”  

Sven Goyvaerts