Antwerpse hof van beroep: "Demurrage niet eindeloos laten doorlopen"

Demurragekosten lopen snel op wanneer containers op de kade geblokkeerd staan. Het Antwerpse Hof van Beroep beveelt nu tot een matiging in een langlopende zaak. Een goed signaal volgens VEA-directeur Olivier Schoenmaeckers.

Demurragekosten zijn een risico voor al wie vracht verscheept. Wordt een container met lading bijvoorbeeld voor langere tijd op een kade geblokkeerd, dan begint de rederij die de container bezit, algauw demurragekosten aan te rekenen. Het kan gebeuren dat een container soms jaren aan de kade gekluisterd blijft, met enorme extra kosten voor de expediteur tot gevolg. 

Uit een recente uitspraak van het Antwerpse hof van beroep blikt nu evenwel dat de rechtbank de mogelijkheid heeft om de demurragekosten te matigen. In een blog op LinkedIn doet de Antwerpse advocaat Koen Maenhout uit de doeken hoe dat precies in zijn werk gaat. "In dit geval waren zes containers met een oliezuiveringsinstallatie op de kade blijven staan sinds 1 maart 2012 omwille van een dispuut met de verscheper. Uiteindelijk werd de inhoud van de containers middels pandverzilvering (pas) verkocht op 24 oktober 2013. De rederij presenteerde de factuur aan de verscheper."

"Op 28 januari 2015 besliste de rechtbank van koophandel te Antwerpen al in eerste aanleg dat de tarieven van demurrage en detention als schadebedingen zijn te beschouwen", gaat Maenhout verder. "De rechter heeft wel degelijk de bevoegdheid om dergelijke bedingen te matigen en de omvang ervan terug te brengen tot aanvaardbare proporties. De eerste rechter beriep zich daarvoor op het Belgisch recht. In het arrest van het hof van beroep van 18 maart 2019 wordt dit bevestigd." 

Internationale tendens

Concreet wordt de gevorderde vergoeding teruggebracht tot één jaar. Na die periode had men de lading als verloren kunnen beschouwen en zijn de hoge tarieven volgens de rechtbank niet meer gerechtvaardigd. "Rederijen kunnen dus niet onbeperkt in de tijd storage, demurrage en detention aanrekenen. De rechter zal erop toezien en desnoods matigen (verminderen) in geval van betwisting", besluit Maenhout. De Belgische rechtbanken lijken zo het voorbeeld te volgen van internationale precedenten, waaronder de zaak MSC versus Cottonex: een dispuut dat in 2015 voor een Britse rechtbank werd beslecht. 

Voor Olivier Schoenmaeckers, directeur van de expediteursvereniging VEA, is het arrest een goede zaak. "Dit arrest heeft precedentwaarde. Je ziet meer en meer een tendens waarbij rechtbanken de vergoedingen niet meer tot in het oneindige laten oplopen. In de toekomst zal geval per geval bekeken worden. Vooral wanneer containers voor een langere tijd geblokkeerd blijven, kan deze uitspraak voor de verschepers een groot verschil betekenen." 

Michiel Leen