Zomer: spotters Andy en Frédéric dromen van US Navy vliegdekschip

In onze zomerreeks richten we deze week onze spots op spotters. Vandaag vertellen ship hunters Andy Gerard en Frédéric Van Seghbroeck uit Zeebrugge over hun gigantische collectie foto’s en scheepsgegevens die ze op hun website delen.

Voor Andy Gerard (41) begon het als zeventienjarige snaak aan de Pierre Vandammesluis in Zeebrugge. “Ik werkte als technieker bij Belgian New Fruit Wharf en fotografeerde vrachtschepen. Ik woon nog steeds in Zeebrugge maar vaar in Antwerpen op de sleepvloot van Boluda Towage Europe.”

Vier jaar later in 2001 ontmoette hij Frédéric Van Seghbroeck (40). “Ik werkte in de horeca en kwam naar Zeebrugge wonen. Telkens ik voor de sluis moest wachten, dacht ik: 'Met die stomme boten hier altijd'. Tot ik schepen begon te herkennen en geïnteresseerd raakte. Toen Andy op een dag even weg moest, vroeg hij of ik voor hem een paar schepen wilde fotograferen. Dat was het startschot van eerst een lichte concurrentiestrijd maar al snel werkten we samen”, zegt Frédéric. Hij woont nu in het polderdorp Koolkerke en voert met een busje bemanningen van de Vlaamse vissersvloot naar buitenlandse havens.

Blauw logo

Sinds 2004 presenteren Andy en Frédéric hun foto’s met scheepsgegevens op de website www.ship-hunters.be. “We deelden onze beelden en verzamelde kennis. In 2006 kregen we versterking van het echtpaar Freddy en Gerda Plets uit Willebroek. Zij fotografeerden toen al veertien jaar schepen en stonden in voor de website. Ondertussen kwamen en gingen verschillende mensen. Helaas stierf Freddy in 2019. Hij was 54 jaar. Op onze website eren we zijn foto’s met een blauw logo”, zegt Frédéric.

Ondertussen waren de Ship Hunters ook op de sociale media te vinden. “Op 1 april 2018 – geen grap – begonnen we onze eigen Facebookpagina. We stellen onze beelden kosteloos beschikbaar voor wie ze wil gebruiken op een website of in een boek. We vragen alleen om het per e-mail aan te vragen en om onze naam te vermelden.”

Einde van wereld

De collectie werd op twintig jaar tijd gigantisch groot. “Fotograferen is leuk maar thuis begint het werk pas. We publiceerden beelden van bijna zevenduizend schepen en er liggen er nog meer dan tienduizend te wachten. Wij zijn vaak in Zeebrugge maar evengoed rijden we soms voor één schip dat we nog niet hadden naar Terneuzen, Antwerpen of Rotterdam. Op reis hebben we altijd een fototoestel bij de hand. Mijn gezinsleden weten dat ze me even met rust moeten laten wanneer we een haven naderen. Ook bij het vervoer van de vissers profiteer ik van bezoeken aan bijvoorbeeld Cherbour (Frankrijk) of Thyboron (Denemarken)”, zegt Frédéric.

Andy: “De eerste keer dat we naar Rotterdam reden, leek dat het einde van de wereld. Nu kennen we er al goed onze weg: vorige week was ik er vijf dagen om schepen te fotograferen. Ooit reed ik speciaal naar Wilhemshafen in het noorden van Duitsland voor een schip dat … enkele maanden later onverwacht in Zeebrugge opdook. We hebben ons ook eens ferm mogen reppen om onze veerboot te halen toen we in Plymouth tot de laatste seconde bleven fotograferen.”

Laatste foto voor scheepsongeval

Andy: “Gelukkig wordt op veel plaatsen niet meer moeilijk gedaan of stellen mensen je geen vragen meer. Want wij voeren eigenlijk promotie voor de havens en de scheepvaart. Gaandeweg leerden we ook hoe je de schepen het best in beeld brengt, zonder dat bijvoorbeeld windturbines het beeld verstoren. Dat is in veel havens een echte uitdaging geworden. We laten ons niet afschrikken door het weer of wanneer we lang moeten wachten. Dat is het verschil tussen wie doorbijt en wie naar huis gaat. Beter een slechte foto dan geen foto. Het meest spectaculaire transport was het wrak van de ‘Tricolor’. We dromen van een vliegdekschip, het liefst van de US Navy.”

Ze verdeelden gaandeweg de taken: Frédéric neemt vooral ferry’s en cruises voor zijn rekening en ik doe slepers en militaire vaartuigen. Bij de Marine waren de Ship Hunters vaste gasten op de Vlootdagen (Navy Days). Frédéric: “We hadden een stand waar we foto’s verkochten om een beetje de kosten te helpen dekken. Maar tegenwoordig fotografeert iedereen met zijn smartphone. Er is ook veel veranderd nu iedereen de schepen kan volgen op websites als Vesselfinder of Marine Traffic. Wij luisterden in het begin met een vhf-radio naar de loodsen en gingen daarna zitten wachten op de kop van de westelijke strekdam. Soms werd geduld beloond. Ik zag bijvoorbeeld een vrachtschip van Dart Lines dat een black-out kreeg en maakte de laatste foto van de ‘Baltic Ace' enkele uren voor dat schip verging.”

MSC: More Scrap Coming

Al doende leert men, ook in de fotografie. Andy: “In het begin had ik een analoog cameraatje maar we gingen snel vooruit in materiaal en kwaliteit. De digitalisering had wel als neveneffect dat iedereen nu zelf met zijn smartphone beelden neemt. Ook de schepen hebben we zien veranderen. Ze zijn nu veel groter, zuiniger en milieuvriendelijker. De tijd dat MSC grappend vertaald werd als More Scrap Coming is voorbij.”

Ten slotte benadrukt Frédéric de camaraderie onder de Zeebrugse scheepsspotters. “We zijn bevriend met Tibo Deprest (Port of Zeebrugge Fanpage) en Henk Claeys. We vinden het ook plezant dat er een nieuwe generatie bijkomt met Robbie Lagast en Ilano Coppens (Hobbyspotters).”

Roel Jacobus