Ook contractuele tarieven dalen

De tarieven voor het vervoer van containers onder vaste contracten op oostwest-routes zijn in het tweede kwartaal van dit jaar met 6% gedaald.

Dat blijkt uit de nieuwe index van de Drewry Bencmarking Club. Die club werd opgericht om inzicht te krijgen in de tarieven die verladers aangeboden krijgen wanneer ze confidentiële contracten met carriers afsluiten.

Grote verladers kunnen hun vrachtprijzen al langer vergelijken met de tarieven op de spotmarkt, die echter zeer volatiel is. Drewry geeft hen nu ook de kans om de quotaties die ze van hun carriers hebben gekregen, te vergelijken met het marktgemiddelde.

De Britse consultant verzamelt de contracttarieven van de bij de Benchmarking Club aangesloten verschepers en garandeert de confidentialiteit van de informatie, die alleen gebruikt wordt om een index bij te houden van vrachtprijzen voor kleine, middelgrote en grote verladers. Expediteurs en rederijen mogen geen lid worden van de club.

De prijsdaling van 6% tussen maart en juli is opmerkelijk omdat het ladingaanbod in die periode groot was en de schepen op heel wat routes bijna vol voeren. Volgens Philip Damas van Drewry hangt de tariefdaling samen met het feit dat de rederijen hun kosten konden drukken en de tendens dat meer verladers de onderhandelingen met hun carriers centraliseren. Hij stelt vast dat de wet van vraag en aanbod alleen voor de spotmarkt lijkt te gelden.  

Het tweede kwartaal is traditioneel erg belangrijk in de lijnvaart omdat in die periode de meeste jaarcontracten voor het vervoer van lading over de Pacific hernieuwd worden.

Volgens verschillende rederijen zijn er carriers die dit jaar nieuwe contracten hebben afgesloten met tarieven die niet kostendekkend zijn. Topman Søren Skou van Maersk Line verklaarde onlangs nog dat de Deense carrier niet bereid is om onder de prijs te gaan varen en daarom nu steeds meer lading op spotbasis vervoert.