Havenarbeid (update): CEPA vreest gebrek aan armslag voor logistiek

Violeta Bulc schort de ingebrekestellingsprocedure tegen België over de havenarbeid op. Kris Peeters krijgt tot 1 juli om zijn actieplan hard te maken. CEPA vreest alvast dat logistiek binnen havens onvoldoende armslag krijgt.

De tekst die de federale minister van Werk donderdagavond op de valreep aan de Transportcommissaris overmaakte, heeft vrijdag al het voorlopig fiat van Europa gekregen. Sneller dan verwacht liet Violeta Bulc weten dat ze zich kon vinden in wat Peeters haar heeft voorgelegd. “Goed gesprek met Kris Peeters vandaag over het Belgischehavenarbeidssysteem. Een beloftevolle stap voorwaarts”, liet ze op twitter weten.

“Krachttoer”

Peeters zelf sprak vrijdagavond in een communiqué van “een akkoord over een actieplan tot modernisering van de organisatie van de havenarbeid in ons land” en van “een krachttoer om de havenarbeid in overleg met alle betrokkenen te moderniseren naar de verwachtingen van de EU en zo een veroordeling van ons land te vermijden”.

“We hebben onze verantwoordelijkheid genomen en zwaar geïnvesteerd in overleg om een akkoord te bereiken. Het was de enige weg om tot deze oplossing te komen. We hebben het onderste uit de kan gehaald voor een werkbare oplossing. Dit akkoord is er nu, en ik verdedig het ten volle”, benadrukte hij.

“Essentie behouden”

Van het actieplan zijn tot dusver enkel de grote lijnen bekend.

Europa had het moeilijk met de verplichting om met erkende havenarbeiders uit één pool te werken. Aanwervingen van havenarbeiders buiten die pool zullen mogelijk worden, maar ook die havenarbeiders zullen een erkenning moeten bekomen. Die erkenning laat de minister toe te stellen dat “de essentie” van de Wet Major van 1973 behouden blijft.

Havenarbeiders zullen ook niet langer beperkt worden tot een specifieke soort taak. Multitasken gaat tot de mogelijkheden behoren.

In de logistiek zou de aanwerving versoepeld worden en een erkenning (als logistieke havenarbeider) niet meer vereist zijn, maar zouden werknemers wel dezelfde loon- en arbeidsvoorwaarden moeten krijgen.

Wat de samenstelling van de ploegen betreft, is niet geweten wat Peeters in zijn document heeft gezet.

Eerste deadline: 1 juli

De overgang naar het nieuwe regime zal niet van de ene op de andere dag gebeuren, maar stapsgewijs over de komende vier jaar gespreid worden. In 2020 moet het nieuwe havenarbeidsstelsel dan volledig van kracht zijn. “Werken met een overgangsperiode is verstandiger dan een tabula rasa”, argumenteerde Peeters vrijdagavond in het programma ‘De keien van de Wetstraat’.

België krijgt van Bulc tot 1 juli volgend jaar om het bereikte akkoord om te zetten naar Belgische wetgeving. Gebeurt dat niet, dan gaat de klok van de ingebrekestelling weer tikken. Die procedure wordt enkel bevroren om Peeters toe te laten om zijn voorstellen in de nodige akkoorden en koninklijke besluiten te gieten.

“Ik ga ervan uit dat het zal lukken”, verklaarde de minister van Werk op de VRT. “Als het akkoord uitgevoerd wordt, is het OK voor Europa.”

“Gevoelige punten”

Kris Peeters heeft dus groen licht gekregen van Europa, maar het werk is nog lang niet af en de minister gaf zelf aan dat zijn voorstellen “zeer gevoelige punten voor de bonden” bevat. Tal van zaken blijven immers conflictstof.

Wat Peeters voorstelt, maakt het bijvoorbeeld blijkbaar mogelijk dat vaste werknemers van een bedrijf – als zij een erkenning als havenarbeider bekomen – binnenkort ingezet kunnen worden voor laad- en losoperaties binnen een havengebied (Europa had ook bezwaar tegen de beperking van de keuzevrijheid voor de duur van de arbeidsovereenkomsten). Voor de bonden is dat niet vanzelfsprekend. De scheidingslijn tussen havenarbeid en logistieke taken, interimarbeid... zijn andere thema's die nog voor hevige discussies kunnen zorgen.

Maar het fiat van Bulc geeft Peeters een stevig argument in handen om de betrokken partijen over de eindstreep te trekken. Wie zijn plan nu afschiet of onmogelijk maakt, zal een zware verantwoordelijkheid nemen. Het is een argument dat de minister van Werk wellicht nog van pas zal komen. 

“Het zou niet wijs zijn België door Europa te laten veroordelen zoals Spanje”, liet hij optekenen. Die boodschap kan voor de bonden bedoeld zijn.

Naar werkgevers die het allemaal te weinig zouden vinden en roepen om de afschaffing van de wet Major, stelde hij dan weer dat zo’n ingreep “weken sociale onrust zou veroorzaken” waarvan de ondernemingen de eerste slachtoffers zouden zijn.

Onvoldoende voor logistiek?

CEPA reageerde als eerste. De Antwerpse havenwerkgeversorganisatie wil het akkoord tussen Peeters en Bulc eerst analyseren, maar is het alvast met Peeters eens dat het stopzetten van de procedure van ingebrekestelling "de eerste prioriteit" was. "Een veroordeling van de Belgische havenarbeidsorganisatie door het Europees Hof van Justitie zou een aanzienlijke impact op het huidige systeem van havenarbeid hebben, zowel voor bedrijven als havenarbeiders, en zou onvermijdelijk leiden tot grote en langdurige juridische onzekerheid".

Na "een eerste lezing" van het akkoord, dat blijkbaar pas achteraf aan de betrokken partijen werd overgemaakt, maakt CEPA wel al twee bemerkingen.

De eerste betreft de mogelijkheid tot het recruteren van erkende havenarbeiders buiten de pool, inclusief voor dagcontracten. "De werkgevers zijn geen vragende partij voor rekrutering via dagcontracten buiten de pool, maar beseffen dat dit een noodzakelijke voorwaarde voor de Europese Commissie is", zegt de havenwerkgeverscentrale. "De werkgevers dringen er echter ten stelligste op aan om in dialoog met de vakbonden en de federale overheid afspraken te maken hoe dit gerealiseerd kan worden zonder de veiligheid van de erkende havenarbeiders en de leefbaarheid van de bestaande pool in het gedrang te brengen."

Onvoldoende punten

Het tweede punt heeft betrekking op logistieke activiteiten binnen een havengebied. "Om logistieke activiteiten binnen het havengebied duurzaam te kunnen ontwikkelen, is er nood aan een aantrekkelijk arbeidskader. Dit betekent een ruimere toepasbaarheid, een rechtszeker kader en een level playing field ten opzichte van andere havens en regio’s. De werkgevers hebben het aanvoelen dat het overeengekomen actieplan onvoldoende punten omvat die de logistiek binnen de havengebieden bijkomende armslag kan geven."

CEPA wil de tekst van het akkoord in de komende dagen "grondig bestuderen" en "te gepasten tijde inhoudelijk reageren".