Hoge bunkerkost dwingt MSC tot noodmaatregel

De forse stijging van de bunkerprijzen brengt de rederijen volgens MSC in een onhoudbare positie. De carrier uit Genève voert daarom wereldwijd voor alle lading en met onmiddellijke ingang een ‘Temporary Emergency Bunker Surcharge’ in.

Volgens MSC zijn de bunkerprijzen dit jaar al met 30% gestegen en liggen ze 70% boven het niveau van juni vorig jaar. Vorige week kostte een ton klassieke zware bunkerolie volgens de rederij in Europa meer dan 442 dollar per ton.

Alle rederijen hebben moeite om die prijsstijging door te rekenen aan de klanten. Vorige week verloren de tarieven voor exportlading uit China op spotbasis opnieuw wat terrein. Het gemiddelde tarief voor een 40’ container van Shanghai naar een Noord-Europese basishaven als Antwerpen daalde volgens de Shanghai Containerized Freight Index (SCFI) naar 1.586 dollar all-in (-2,2%).

Volgens de World Container Index (WCI) van Drewry zijn de tarieven tussen Shanghai en Rotterdam zelfs al gedaald naar 1.459 dollar/feu. Ondanks de hogere bunkerkosten ligt dat tarief 19% onder het niveau van een jaar geleden.

Opmerkelijk

Het is opmerkelijk dat MSC opnieuw een (weliswaar tijdelijke) bunkertoeslag aanrekent, omdat de Zwitserse carrier in juni 2013 had besloten om geen afzonderlijke Bunker Contribution (BUC) meer aan te rekenen en de bunkertoeslag gewoon te verrekenen in de basiszeevracht. MSC heeft overigens geen bedragen voor de Temporary Emergency Bunker Surcharge gepubliceerd en verwijst de klanten naar hun vaste contactpersonen bij de rederijkantoren.

Andere rederijen hanteren wel nog altijd een Bunker Adjustment Factor (BAF) als afzonderlijke bunkertoeslag, maar de onderlinge verschillen zijn groot. Volgens de maandelijkse marktmonitor van de Franse databank Alphaliner schommelen de BAF’s deze maand tussen de 50 dollar/teu (bij het Japanse ONE) en 481 dollar/teu (bij Hapag-Lloyd).

Volgens Alphaliner bedroeg de gemiddelde prijs voor een ton zware 380 cSt bunkerolie in Rotterdam vorige maand 376 dollar (+27%). In Singapore kostten diezelfde bunkers vorige maand gemiddeld 398 dollar/ton (+26%). Vandaag bedraagt de richtprijs al 442 dollar in Rotterdam en 460 dollar/ton in Singapore.

Schommelingen

De bunkerprijzen evolueren mee met de schommelingen van de waarde van een vat ruwe olie. Eind 2008 stegen de bunkerprijzen boven de 700 dollar/ton en ook in 2011 en 2012 werd dat hoge niveau gehaald. Vanaf eind 2014 zijn de bunkerprijzen fors gedaald naar zelfs ruim 100 dollar in het eerste kwartaal van 2016. Sindsdien is er opnieuw sprake van een constante stijging.

De Deense consultant SeaIntel berekende vorige week dat de stijging van de bunkerprijzen voor de lijnvaartsector in zijn geheel dit jaar een impact van zo’n 1,3 miljard dollar zal hebben. Maersk Line verwacht dit jaar zo’n 33% extra aan bunkers te moeten uitgeven, wat de totale bunkerfactuur voor de Deense marktleider dit jaar op zo’n 3 miljard dollar zal brengen.

Stefan Verberckmoes