Havenschepen Gent Sofie Bracke wil brug zijn tussen stad en haven

De gemeenteraadsverkiezingen van 2018 zorgden voor een stoelendans in de havenwereld. De vier Vlaamse zeehavens hebben allemaal een nieuwe havenschepen. Flows zocht ze op. Vandaag een gesprek met Sofie Bracke van Gent als tweede in de reeks.

Buiten Gent is Sofie Bracke (SB - 39) een onbekende. De geboren Gentse, dochter van een zelfstandige en een bankier, moeder van twee kinderen, liep school in de Arteveldestad en studeerde politieke en sociale wetenschappen aan de UGent. Ze voegde daar achteraf nog een Franstalig-Engelstalige manama (master-na-masteropleiding) in Europese studies en economie in Louvain-la-Neuve aan toe.

Na haar studies ging ze aan de slag bij de Vereniging van Vlaamse Provincies en was ze daarna EFRO-coördinator bij de Provincie Oost-Vlaanderen. Ze was ook politiek actief. “Op mijn 29e, hoogzwanger van mijn zoontje, legde ik voor het eerst de eed af als schepen, met de bevoegdheid over innovatie en tewerkstelling.”

Intussen treedt ze voor de derde keer in het stadsbestuur aan voor Open Vld. In de voorbije legislatuur was ze onder meer bevoegd voor burgerzaken en protocol, en was ze in die hoedanigheid vaak in de trouwkapel van het Stadhuis te vinden. “Een heel fijne job waar ik veel uit geleerd heb, want daar komt letterlijk iedereen langs.”

Met welke andere bevoegdheden combineert u het mandaat voor de haven?

SB: "De hele economische cluster – van de marktkramer tot de haven en alles wat daartussen zit – valt onder mijn bevoegdheid. Het is goed dat dit allemaal samen zit en dat je bijvoorbeeld de link kan leggen tussen starters en scale-ups en klassieke economische spelers. De haven is een wereld op zich, maar tegelijkertijd een enorm boeiend en gigantisch bedrijventerrein."

"Mijn andere bevoegdheid is sport, maar ook daar wil ik proberen de link met de haven te maken. Want sportieve manifestaties helpen om de haven beter bekend te maken bij het grote publiek. Ik zie het als mijn rol om de brugfiguur te zijn tussen Gent, de Gentenaar en North Sea Port. De uitdaging is de band aan te sterken met de – nu een stuk grotere – haven en ervoor te zorgen dat iedereen die haven in zijn hart sluit."

Als ik zie met wat voor projecten North Sea Port vandaag bezig is, dan zie ik hen de juiste keuzes maken. Ik zal daar mee ondersteuning bieden.

Want de Gentenaar weet nog steeds te weinig dat hij een zeehaven heeft, en met North Sea Port dreigt het gevaar van een nog grotere vervreemding.

SB: "Hoe groter de haven wordt, hoe groter die uitdaging wordt. Tegelijkertijd wordt het nog belangrijker om die link te leggen. Ik zie dat echt als een deel van mijn opdracht voor de komende jaren. Want North Sea Port – en dat bewijzen de jongste jaarcijfers – is een sterk verhaal waar competente mensen mee bezig zijn. Wij moeten hun taak niet overnemen, maar het verhaal versterken. Mijn rol zie ik als aanvullend, ik wil het draagvlak vergroten en lobbyen voor dossiers zoals mobiliteit. De realisatie van personenvervoer op spoorlijn 204, of het wegwerken van belemmeringen voor het goedervervoer via het spoor, zijn zo’n dossiers."

Gent is toeristisch een sterk internationaal merk geworden. Kan de stad de haven op sleeptouw nemen?

SB: "Ook daar kan je verder in gaan. Toeristen blijven rond de drie torens draaien, terwijl Gent zoveel meer is dan dat. Een fietstocht in de haven kan hen ook dat verhaal meegeven, bijvoorbeeld."

Hoe sterk bent u zelf vertrouwd met de haven?

SB: "Vanuit mijn vroegere bevoegdheden innovatie en tewerkstelling ben ik al met die wereld in contact gekomen, bijvoorbeeld toen ik samen met onder meer Volvo de Internationale School van Gent voor kinderen van buitenlandse werknemers van ondernemingen hielp oprichten. Ik heb vooral een groot hart voor de haven. Een haven is meer dan een fysieke ruimte of een werkplek. Het is een gemeenschap, een way of life – dat heb ik in mijn vorige functie herhaaldelijk gemerkt bij vieringen van binnenvaartschippers. De bezoeken die ik nu afleg aan bedrijven, gaan mij daar nog meer vertrouwd mee maken."

Een haven is meer dan een fysieke ruimte of een werkplek. Het is een gemeenschap, een way of life.

Kan een stad vandaag nog het beleid van een haven als North Sea Port beïnvloeden?

SB: "Ik ben er mij heel goed van bewust dat het niet meer alleen ons verhaal is en dat er andere stakeholders zijn met wie we rekening moeten houden. Maar het zou niet goed zijn mochten stad en haven elk een verschillende koers varen. We moeten die verhalen met elkaar laten sporen. Dat is iets wat ik als havenschepen mee moet bewaken. Tezelfdertijd maak ik mij daar niet zoveel zorgen over. Als ik zie met wat voor projecten North Sea Port vandaag bezig is, waar ze op inzetten, dan zie ik hen wel de juiste keuzes maken. Ik zal daar mee ondersteuning bieden."

Zetelt u straks in de Raad van Toezicht van North Sea Port?

SB: "Aan zo’n beslissing gaan een aantal formele stappen vooraf. Ik wil daar niet voor kruipen. Maar we hebben uiteraard een paar namen in ons hoofd zitten."

Welke klemtonen haalt u uit het bestuursakkoord voor Gent als het over de haven gaat?

SB: "Als je vandaag spreekt met bedrijven, dan wordt het vinden van de juiste mensen een gigantische uitdaging, ook voor havenondernemingen. Het matchen van vraag en aanbod, ook grensoverschrijdend, wordt van essentieel belang voor het aantrekken van investeringen. Investeringen in North Sea Port mogen niet gestremd worden omdat bedrijven geen werknemers vinden. Dat is de grootste uitdaging. Jobs in Zeeland maken daar in ons bestuursakkoord deel van uit, al dienen nog een aantal fiscale en sociale belemmeringen uit de weg geruimd. Om de werkloosheid hier te doen zakken én ervoor te zorgen dat investeerders niet aarzelen om hier neer te strijken. Samen met mijn collega Schepen Van Braeckevelt, bevoegd voor Werk, met North Sea Port, andere overheden, onderwijsinstellingen en werkgever- en werknemersorganisaties wil ik daarom een ambitieus ‘Gents Arbeidspact’ realiseren. Ik zie dit als een van mijn essentiële taken als schepen van Haven én van Economie. Ook randvoorwaarden zoals bereikbaarheid komen daar snel om het hoekje kijken. Daar moeten we volop onze schouders onder zetten."

Investeringen in North Sea Port mogen niet gestremd worden omdat bedrijven geen werknemers vinden. Dat is de grootste uitdaging.

Het bestuursakkoord spreekt ook van een lage-emissiezone die naar de haven zou worden uitgebreid. Hoe pakken jullie dat aan?

SB: "Het is geen evident dossier. We moeten beginnen met onderzoek over impact, vereiste maatregelen enzovoort. Afhankelijk van die resultaten kunnen we dan bekijken over welke fasering, aanpak en termijnen het moet gaan. Ik geloof heel sterk dat je als bestuur een richting moet aangeven en daaraan dan moet vasthouden. Maar je moet ook de kunst van het haalbare beoefenen en de mensen meekrijgen."

Kritische geesten zullen opwerpen dat vrouwen havenschepen worden op het ogenblik dat havens steeds meer zelfsturende entiteiten geworden zijn en een havenschepen minder invloed heeft dan vroeger.

SB: "Ik ben er mij van bewust dat ik de eerste vrouwelijke havenschepen in Gent ben. Maar als ik kijk naar de taakverdeling vandaag, heb ik vooral het gevoel dat het er niet meer toe doet of je man of vrouw bent. De tijd waar een vrouwelijke politica zich alleen bevoegd mocht verklaren over domeinen als welzijn of onderwijs, ligt gelukkig ver achter ons. Bij Stad Gent zijn de algemeen directeur, de directeur van de Dienst Economie enzovoort vandaag vrouwen. Er zijn geen mannelijke of vrouwelijke onderwerpen meer. Die echte doorbraak is er de jongste vijf jaar zeker gekomen."

De havenwereld blijft wel een mannenwereld.

SB: "Dat is zo. Vlak voor de nieuwjaarsreceptie van Voka was er een receptie met havenbedrijven. Onder alle aanwezigen, toch zo'n 45, vielen twee vrouwen te tellen, mijzelf meegerekend. Dan valt dat wel op. Maar het komt wel en dan kan een vrouwelijke havenschepen net als een vrouwelijke CEO soms als een voorbeeld werken. Ik heb er alleszins ongelooflijk veel goesting in."

Jean-Louis Vandevoorde