Europa wil Nederlandse havens belastingspil doen slikken

De vrijstelling van vennootschapsbelasting waarvan de grotere Nederlandse havenbesturen vandaag genieten, staat op de helling. Als Europa zijn zin krijgt, komt daar vanaf 2017 een eind aan. Nederland hoopt er nog een mouw aan te passen.

Met vijf zijn ze, de Nederlandse havenschappen die vrijgesteld zijn van vennootschapsbelasting: Rotterdam, Amsterdam (foto), Zeeland Seaports, Moerdijk en Groningen. Zij kregen die aparte regeling bij hun omvorming tot zelfstandige entiteiten.

De Europese Commissie heeft dat fiscaal voordeelregime al langer in het vizier. In het voorjaar van 2014 (toen de Commissie België in gebreke stelde over de havenarbeid) kondigde ze een onderzoek aan in dit dossier. Nu heeft Brussel Den Haag ook een ultimatum gesteld, zo zeggen Nederlandse bronnen. Vanaf 1 januari 2017 zou het gedaan moeten zijn met die gunstregeling.

Internationale dimensie

Die fiscale vrijstelling bestond al langer, maar die “uitzondering” op de geldende regelgeving werd pas vorig jaar door het Parlement in een wet verankerd, kregen we bij het Havenbedrijf Rotterdam te horen. In die wet is voorzien dat het voordeel komt te vervallen wanneer tussen havens in Europa een gelijk speelveld wordt gecreëerd.

Het dossier heeft daarmee een duidelijk internationaal randje. Nederland schermt al langer met in haar ogen ongeoorloofde staatssteun die concurrerende havens in België, Duitsland en Frankrijk krijgen. Het viseert daarbij inzonderheid België en Duitsland inzake investeringen in haveninfrastructuur. De rol van de overheid daarin trekt volgens Den Haag de verhoudingen scheef. Een Nederlands onderzoek heeft die stelling ook al met cijfers gestaafd . Het Parlement beriep zich op die studie om zijn wet goed te keuren.

Maar of Nederland de Europese Commissie met dat argument zal kunnen overtuigen om haar deadline verder in de tijd te verschuiven, wordt ook boven de Moerdijk door sommigen betwijfeld.

Fors bedrag

Als de betrokken havens dat voordeel zouden kwijtspelen, zou dat zeker voor de grootste onder hen een impact van formaat hebben op hun jaarlijks eindresultaat. Voor Rotterdam wordt het cijfer genoemd van circa 50 miljoen euro minder winst (uitgaand van de situatie van vorig jaar). Een woordvoerder van het Havenbedrijf noemt dat een aannemelijk cijfer. Amsterdam zou dan zowat 15 miljoen euro aan vennootschapsbelasting moeten betalen.

Nederland wil zich daar niet zonder slag of stoot bij neerleggen. Een woordvoerder van bevoegd minister Henk Kamp (Economische Zaken) liet in de Nederlandse pers optekenen dat de regering verder praat met de Commissie. Over de inhoud van die onderhandelingen wou hij geen commentaar kwijt, maar Den Haag hoopt het huidig stelsel met een paar jaar te kunnen verlengen.

Bij het Havenbedrijf Rotterdam beklemtoont men dat “iedereen in Nederland – havens, regering, parlement en ministeries – op dat punt op dezelfde lijn zit”.