Al 39% marktaandeel Ocean Alliance op twee grootste trades

Zowel tussen Europa en Azië als op de trans-Pacific is de Ocean Alliance nu met een marktaandeel van 39% de grootste van de drie mega-allianties. Op de trans-Pacific zal de beschikbare capaciteit deze maand weer even groot zijn als voor COVID-19.

De twee grote oost-westroutes herstellen zeer verschillend van het coronavirus. Volgens de Franse databank Alphaliner was de aangeboden capaciteit tussen de Far East en Europa vorige maand 17,1% lager dan in juni 2019. Tussen Azië en Noord-Amerika werd vorige maand slechts 5,3% minder scheepscapaciteit aangeboden dan een jaar eerder.

Wekelijks waren er vorige maand op de trans-Pacific gemiddeld 463.300 teu slots beschikbaar voor Aziatische export. Dat is zo’n 24.300 teu minder dan in juni 2019. In juli zal dat verschil weggewerkt zijn, omdat de 2M-partners in juni niet alleen hun TP8/Orient hervat hebben (goed voor 11.500 slots per week), maar ook nog een nieuwe dienst tussen China en Californië beginnen met schepen van 8.200 tot 9.300 teu. Intussen is er ook de Zim eCommerce Xpress Service bijgekomen, die goed is voor nog eens 4.250 bijkomende slots per week.

Megamaxschepen

Alphaliner verwacht dat het veel langer zal duren vooraleer de capaciteit tussen de Far East en Europa weer het niveau van voor de uitbraak van het coronavirus zal bereiken. THE Alliance (-22,7%) en 2M (-18%) hebben hun capaciteit op die route in een jaar tijd het meest beperkt, omdat ze hun grootste loop gestaakt hebben. De megamaxschepen daaruit werden wel overgeheveld naar andere diensten. Dat verklaart waarom de capaciteitsdaling van 17,1% lager is dan de 20% tot zelfs 30%, het percentage dat in sommige media gemeld werd. Die percentages komen van consultants, die alleen maar het aantal geannuleerde afvaarten tellen en geen rekening houden met extra afvaarten of het doorschuiven van schepen.

De Ocean Alliance heeft tussen de Far East en Europa geen enkele dienst gestaakt en de capaciteit alleen maar beperkt door individuele scheepsreizen over te slaan. De capaciteitsreductie van COSCO, CMA CGM en Evergreen op dit vaargebied blijft beperkt tot 12,4%. Daardoor is het marktaandeel van deze alliantie van 37% naar 39% gestegen, ten nadele van THE Alliance, die van 25% naar 23% zakt. Het marktaandeel van 2M blijft onveranderd op 37%.

Toetreding

Op de trans-Pacific heeft de Ocean Alliance dan weer als enige de capaciteit beperkt (-3,1%), maar blijft die de grootste met een marktaandeel van 39%. De capaciteit van THE Alliance was daar vorige maand 10% groter dan in juni 2009, wat alles te maken heeft met de toetreding van HMM tot de alliantie. HMM controleerde in juni vorig jaar 4,3% van de capaciteit tussen het Verre Oosten en Noord-Amerika. THE Alliance stijgt met HMM erbij van 26% naar 30% marktaandeel.

Ook 2M heeft de capaciteit tussen Azië en Noord-Amerika met 8% verhoogd, omdat er nu regelmatig al eens megamaxschepen van 19.200 tot 23.700 teu uit een pendulumdienst een reis naar Los Angeles of Long Beach maken. Daardoor stijgt het gezamenlijke marktaandeel van Maersk en MSC van 18% naar 20%. Dit alles gaat ten koste van de rederijen die buiten allianties blijven. Zij vertegenwoordigen nu nog 11% van alle capaciteit, terwijl dat in juni 2019 nog 18% was. Behalve de toetreding van HMM tot THE Alliance speelt hier ook de exit van Pacific International Lines (PIL) mee, die in april zijn lijndiensten op de trans-Pacific heeft gestaakt.

Stefan Verberckmoes