Transporteconomen: ”Antwerpen zal de klappen voelen” 

Voor het printmagazine van Flows polsten we de transporteconomen Sys en Vanelslander (UA) naar hun inzichten over het post-coronatijdperk. Ook op de unief zijn geen glazen bollen beschikbaar. Maar de proffen twijfelen niet: de impact wordt ernstig.

Een glazen bol behoort niet tot het standaardgereedschap van transporteconomen Christa Sys en Thierry Vanelslander. Tijdens een interview in volle coronacrisis tekenen er zich volgens hen al enkele contouren af van hoe het logistieke landschap er post-/met-corona zal gaan uitzien: lokaler, met geconsolideerde 'grote jongens' die hun zwakke broertjes opslokken, en de (Europese) overheid als arbiter. 

Thierry Vanelslander (TV):

“Logistiek wordt iets minder globaal. Men wil niet langer het risico lopen om van strategische goederen te afhankelijk te zijn van Azië, en in het bijzonder China. Logistieke ketens worden lokaler van karakter en nearshoring speelt een grotere rol: producten zullen misschien niet in eigen land worden geproduceerd, maar wel weer op hetzelfde continent. Men zoekt back-upmogelijkheden voor als bepaalde stromen wegvallen.” 

Christa Sys (CS):

“Globale supplychains zullen diverser worden, en breder geografisch gespreid. Hoe die evolutie verloopt, is in grote mate afhankelijk van het verdere verloop van het coronavirus. Je ziet nu al dat de initiële verwachting van een v-vormig herstel – een snelle heropleving na een snelle, diepe val – in veel vooruitblikken wordt vervangen door een 'Nike'-logo: een langgerekte en traag stijgende grafiek.” 

TV: “Zowel de vraag- als de aanbodzijde zijn geschaad, en dat is nog nooit eerder gebeurd. Econoom Gert Peersman ziet een analogie met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie: de bevolking had geen geld om uit te geven op de vrije markt én aanbod was er ook niet, want het systeem was in elkaar gestuikt. Deze coronacrisis is niet te vergelijken met de crisis van 2008, die een aanbodcrisis was, en die vrij snel hersteld was. Zolang er geen vaccin is, blijft de onzekerheid. Die onzekerheid zal ook in de logistiek weerspiegeld zijn. Corona werpt een onzekere schaduw op de tewerkstelling van de mensen, en dus ook op hun consumptiegedrag.” 

Is er op dit moment al sprake van fundamentele veranderingen in de transport- en logistieksector, in de handelsstromen? 

CS: “Op dit moment zijn er nog geen fundamentele veranderingen. De transport-, haven- en logistieke sector blijven draaien, en gelukkig. Maar er komen fundamentele veranderingen ook op deze sectoren af.” 

TV: “Iedereen neemt voorlopige maatregelen. Rederijen reageerden door minder te varen. In de haven staat heel wat werkgelegenheid on hold, zowel bij de vaste als losse havenarbeiders. Over enkele weken of maanden, wanneer er misschien toch oplossingen voorliggen om uit de lockdownachtige situatie te komen, zal blijken of daarmee ook het vertrouwen terugkeert.” 

Port of Antwerp meldt medio mei dat er in april nog een status quo was in overslag, met dank aan de containers. 

TV: “De impact van beslissingen als blank sailings is op het moment van dit interview nog niet in deze cijfers weerspiegeld. Schepen zijn een maand en langer onderweg. Maak u geen illusies: Antwerpen zal die klappen voelen. China produceert nu misschien weer op niveau, maar hier is de vraag nog niet hersteld.” 

CS: “Felixstowe, Zeebrugge en Antwerpen zijn de havens waar de rederijen in de komende maanden de meeste services schrappen of niet meer heropstarten.” 

Kan de brede maritieme sector een beroep doen op recepten uit het verleden om erbovenop te komen? 

TV: “Alleen al qua impact is dit du jamais vu, dus er is niet meteen een voorbeeldaanpak voorhanden. Op diversificatie inzetten is nu belangrijk: geografisch én qua producttype. Door het globale karakter van de crisis krijg je sowieso klappen. Daarom is de bijkomende boodschap: zorg voor kapitaalreserves. Die met de diepste zakken overleven. Antwerpen is kwetsbaar omdat niet veel bedrijven lokaal verankerd zijn. Grote bedrijven snijden niet snel in hun thuisbasis.” 

Professor Sys, u staat aan het hoofd van de leerstoel BNP Paribas Fortis. Is er in de financiële sector bereidheid de havensector te steunen?   

CS: “Het feit dat de leerstoel met een jaar verlengd werd, is een mooi voorbeeld van het vertrouwen van de sector. Er is bereidheid om te investeren in capaciteit. Maar voor de details moet u bij de bank zijn. Ondersteund door academisch onderzoek en in nauwe samenwerking met de actoren in het maritieme ecosysteem (inclusief financiële instanties en IT-start-ups) delen we hieromtrent kennis en zoeken we oplossingen voor capaciteitsuitdagingen.” 

TV: “Banken zijn selectief, al heeft Europa ze aangespoord om de geldkraan nu wat open te zetten. Banken kunnen niet om het even wie overeind houden. Het bedrijf met de diepste zakken en de beste kaarten heeft meer kans op hulp. Wie al die tijd op de marge heeft geleefd, krijgt het nog moeilijk.” 

Is dit een opportuniteit voor consolidatie in de sector? 

CS: “Het is een feit dat het landschap zal wijzigen. In de droge en liquide bulksector is een consolidatiegolf bezig. Binnen de containersector wordt er sterk gekeken naar de overgebleven Koreaanse rederijen. Er liggen enkele scenario's voor, maar het is wat koffiedik kijken wat er gaat gebeuren. Als je ziet dat Hapag Lloyd even groot is als zeven andere, is het maar de vraag hoe die dat gaan volhouden. Acht van de twaalf toprederijen hebben inmiddels overheidssteun aangevraagd. De prijs was al artificieel gestabiliseerd, de orderboeken zijn opvallend gedisciplineerd.” 

TV: “Dat geldt ook voor de terminaloperatoren. Grote spelers staan klaar om noodlijdende kleinere concurrenten op te slokken. Idem voor de expeditiesector. De vraag is in welke mate onze overheden, minstens op Europees niveau, zich als goede regulatoren opwerpen.” 

Hoever kan een havenbedrijf gaan in steunmaatregelen, zoals uitstel van haven- en concessiegelden? 

TV: “Wat laten overheden toe? Europa zal coulant zijn, zolang er sprake is van een gelijke behandeling. Concessiegelden en havenrechten bieden de mogelijkheid om flexibel te zijn.” 

Welke tendensen moeten we de komende weken in de gaten houden? 

CS: “Niemand heeft een glazen bol. Het belang van een gezond ecosysteem met samenwerking, standaardisatie en vereenvoudiging komt nog maar eens naar voren. Enkele van die trends komen nu plots in een stroomversnelling, bijvoorbeeld rond e-CMR (digitale vrachtbrief, red.) en elektronische bill of lading. Risico en resilience (veerkracht, red.) waren wel thema's binnen de specialisatiecursussen van C-MAT (Centre for Maritime & Air Transport Management van Universiteit Antwerpen, red.), maar worden nog veel belangrijker want het stopt niet met COVID-19. Duurzaamheid, digitalisering mogen nu niet naar de achtergrond verzeilen. Er moet worden ingezet op samenwerking en co-innovatie. We mogen ook trots zijn op de kennis van onze havengemeenschappen in de Belgische havens. De Belgische havens hebben zich resilient getoond.” 

TV: “De scenario's voor herstel veranderen nog volop. Zolang die niet vastliggen, is voorspellen moeilijk. We mogen niet uit het oog verliezen dat er naast corona nog andere grote uitdagingen op de sector afkomen. De effecten van de klimaatverandering zijn bijvoorbeeld niet plots weg, al is de urgentie nu even naar de achtergrond verdwenen.” 

Michiel Leen

Interesse om dit interview ook in de printversie te lezen? U krijgt ons magazine 'Het jaar nul na corona' gratis toegestuurd op eenvoudig verzoek. Mail naar marketing@flows.be en we doen het nodige.