Nieuwjaarsbrief Jan Blomme (gewestelijk havencommissaris)

In onze unieke reeks nieuwjaarsbrieven delen sleutelspelers uit de logistiek in ons land hun wensen en verwachtingen voor het nieuwe jaar. Vandaag is de auteur gewestelijk havencommissaris Jan Blomme.

Beste Flowslezer,

Destijds

Bij het lezen van de al gepubliceerde nieuwjaarsbrieven valt op dat minder dan voorheen en vaak helemaal niet wordt gerefereerd aan groeiende trafiekcijfers – en de wens dat ze in dit nieuwe jaar verder zullen groeien. De traditionele stokpaardjes van de haven-CEO’s en andere 'captains of industry' – zoals investeringen in haveninfrastructuur, het creëren van jobs en toegevoegde waarde, het aantrekken van nieuwe ondernemingen of de rol van havens als 'motor' van de nationale economie – worden vaak niet of slechts in de marge vermeld. Het kan verkeren.

Nu

Des te meer aandacht gaat naar voorheen nauwelijks behandelde thema’s: de rol van de maritieme en havengemeenschap in het mee helpen behalen van de klimaatdoelstellingen, de haven als voorloper van de  energietransitie, de havens als incubatiecentra voor innovatie en potgrond voor de groei van logistiekgebonden start-ups, havens die een inhaalbeweging maken rond digitalisering en dataplatformen, het versnellen van de doorlooptijden in de transportketen, de modernisering van het regelgevend kader voor havens, verdere professionalisering van de havenbesturen en tutti quanti. Wat bovendien opvalt is de ambitie om voorloper te zijn, Europees en soms zelfs op wereldvlak. Veel bijdragen geven blijk van vooruitgangsdenken, optimisme en creativiteit. Men zou voorwaar denken dat in havenland het Watertijdperk ('the Age of Aquarius') is aangebroken.

Toch misschien één uitzondering: in vele wensen klinkt bezorgdheid door rond mobiliteit en connectiviteit: is er een fysieke grens bereikt rond de productie, overslag, opslag en het vervoer van grote hoeveelheden goederen in onze dichtbevolkte regio?

En in 2020?

Het is goed dat deze nieuwe thema’s worden aangesneden en hun plaats vinden in de visie en strategie van nogal wat ondernemingen, havenbesturen en de Vlaamse overheid. Zo kunnen sommige trafieken in vele rangehavens tijdens de volgende twintig jaar als gevolg van de energietransitie immers sterk teruglopen. Hierdoor kan hun economische duurzaamheid onder druk komen te staan (in de Vlaamse havens is dit proces gelukkig al grotendeels achter de rug). De beslissingen rond een aantal grote haveninvesteringen – zeesluizen in North Sea Port en Zeebrugge, CP ECA (complex project Realisatie Extra containerbehandelingscapaciteit in het Havengebied Antwerpen', red.) in Antwerpen – halen de druk van de ketel en geven ruimte aan nieuwe initiatieven. Bijgevolg zou het wenselijk zijn dat bij de publieke opinie het besef verder groeit dat havens geen zondebokken maar een sterke bondgenoot zijn om het nieuwe duurzame langetermijndenken op het terrein concreet te maken.  'Boter in de pan doen is één ding, je moet er dan liefst ook iets mee bakken.'

Deze nieuwe haventhema’s zijn in feite geen kernactiviteiten van havens maar meer generieke onderwerpen met specifieke toepassing in een havenomgeving. Dit brengt me bij het luik dat wel een kernactiviteit van de havens vormt, namelijk de bereikbaarheid. Vlaanderen is vandaag dankzij de inspanningen van velen een absolute logistieke topregio geworden: in de Logistics Performance Index van de Wereldbank (2018) staat België (= logistiek voor 90% Vlaanderen) derde, na Duitsland en Zweden maar voor Nederland. Als Vlaanderen en onze havens die toppositie willen behouden, moet een vlotte goederenmobiliteit kunnen worden gegarandeerd. Meer in het bijzonder dient er dan op het vlak van modal split, ondanks de vele goede maar vaak te gefragmenteerde initiatieven, opnieuw en best snel een 'grote sprong voorwaarts' worden gemaakt.

Het zou sterk zijn mocht in 2020 de aanzet en opstart worden gegeven van een programma waarbij een performant en – waar mogelijk – synchromodaal netwerk langsheen de grote transportcorridors in Vlaanderen wordt uitgebouwd dat zijns gelijke niet kent in de omliggende regio’s. Grote volumes, regelmaat, hoge frequentie en betrouwbaarheid moeten meer dan nu de sleutelwoorden worden van dit netwerk. We kunnen voortbouwen op lopende initiatieven. De neuzen rond mogelijke oplossingen moeten in dezelfde richting staan. De overheden kunnen daarbij de ondernemingen helpen die bereid zijn om toe te treden tot de 'coalition of the willing' door mee opstartrisico’s te delen. Het is tijd voor actie. Nu, in 2020. Anders missen we misschien de boot (en de trein). En komt er nog wel een volgende?

Jan Blomme (gewestelijk havencommissaris)