Eerste hulp bij varend erfgoed: met ‘Smeerlapperij’ boot onderhouden

Bart Verbeke pleit voor de terugkeer naar de traditionele technieken om varend erfgoed te onderhouden. Bij Monumentenwacht deelt hij zijn expertise graag met al wie daarom vraagt. En dat zijn er in het Antwerpse nogal wat.

Het onderhoud van varend erfgoed kan voor eigenaars een heel gedoe zijn. Oude materialen en bouwtechnieken brengen problemen mee waarvoor de benodigde knowhow niet (meer) tot de courante kennis behoort. Wie zo’n stuk erfgoed met kennis van zaken onder handen wil nemen, kan aankloppen bij Bart Verbeke van Monumentenwacht Vlaanderen. En dat doet Leon Verhaegen, die een viertal erfgoedschepen in collectie heeft, waarvan drie beschermde: de ‘Ouderhoek’, de laatste nog varende platbodem van het type poon, de ‘Allegonda’, een van de eerste gemotoriseerde jachten uit 1911, en de ‘Napoleon’, die ooit het persoonlijke schip was van de eigenaars van de scheepswerven in Baasrode. Daarnaast heeft Verhaegen nog een sleepboot uit 1929 in de collectie. “Monumentenwacht heeft voor mij diktemetingen uitgevoerd voor de verschillende schepen. Zo ben ik in contact gekomen met Bart Verbeke." Verhaegen, een gepassioneerd verzamelaar, is zeer te spreken over de dienstverlening. 

Doorgeroest 

Verbeke is dan ook niet aan zijn proefstuk toe. Hij wijdde al enkele publicaties en workshops aan het onderwerp, en weet uit eigen ervaring wat het is om een stuk varend erfgoed boven water te houden. Wanneer we Bart treffen, voert hij een controle uit aan een van de erfgoedkranen bij het Antwerpse Havenhuis. Het gevaarte is er belabberd aan toe en is op enkele plaatsen doorgeroest. Toch zal het verplaatst worden en gerestaureerd zodat het weer werkt.

Klinknagels 

De kraan is met behulp van klinknagels in elkaar gezet. Een techniek waaraan Bart in het verleden al een gelijknamige brochure en een workshop wijdde. “Op de historische scheepswerf van Baasrode, waar tot in de jaren ’80 industrieel werd geklonken, hebben we de techniek nog eens gedemonstreerd. Ook op Open Monumentendag hebben we demonstraties gegeven.”

Verbekes recentste publicatie gaat over ‘smeerlapperij’: de klassieke smeermiddelen als lijnolie, teer en pek die je nodig hebt om een boot te onderhouden. “Vroeger waren die producten alomtegenwoordig, vandaag moet je wat research doen.”  Of zoals het in de begeleidende tekst van de publicatie heet: "Dit is een pleidooi om een stap terug te zetten en de voordelen van teer, pek en lijnolie af te wegen tegen moderne technieken van afzegelen. (...) Een correct gebruik van traditionele producten voorkomt extra werk op lange termijn, en maakt dat een onderhoudsbeurt een evidentie is."

Eigen ervaring 

Zelf bouwde Verbeke ervaring op door zijn eigen historische vissersboot te restaureren. “Ik had geen geld voor dure verf, dus ik moest wel op zoek naar alternatieven. Die kennis verzamelen was en is een race tegen de klok: er zijn amper mensen die die technieken nog gebruiken, er is al heel veel kennis verloren gegaan. We moeten ons haasten om mensen te spreken die het nog weten, of op zoek naar oude handboeken die ergens op een zolder liggen te vergaan. Aan ons om die kennis opnieuw te bundelen en naar buiten te brengen.”

Hulpeloze ingenieurs 

Van opleiding is Verbeke burgerlijk ingenieur natuurkunde, maar al snel had hij door dat hij meer wilde dan het puur theoretische. “Onderweg naar een excursie kregen we als studenten autopech. Met negen ingenieurs stonden we hulpeloos naar de motor te staren tot een monteur één kabeltje weer aansloot. Toen besloot ik dat ik ook iets wou kúnnen. In Brugge, bij Archonaut, volgde ik de opleiding 'houten scheepsbouw'. Hun oude houten vissersboot heb ik dan overgenomen en gerestaureerd. Zo deed ik hands-onervaring op. Maar er komt ook veel studeren bij kijken.”

In de komende weken en maanden vind je Verbeke vaak in Antwerpen. Niet alleen om de erfgoedkranen te inspecteren, maar ook om de eigenaars van varend erfgoed bij te staan bij inspecties. “Op basis van mijn verslag weten de eigenaars wat er aan het schip moet gebeuren.”

Meer info over de publicatie 'Smeerlapperij' vindt u hier.

Michiel Leen