Aan de slag in China: "Ik mis enkel het lekkere Belgische eten"

China voelt als een tweede thuis voor de jonge data-analist Olivier Nonneman. Na enkele jaren in Shanghai heeft hij de Chinese smaak te pakken. "Er leven aan het thuisfront nogal wat misvattingen over het dagelijkse leven hier."

De 22-jarige Olivier Nonneman ging recent in China aan de slag om daar voor Ahlers het data-analyticsproject ASNIA uit te rollen. Wanneer we Nonneman spreken is hij nog verder van huis, op een congres in India. Dat is een van de volgende plekken waar ASNIA zal worden uitgerold, naast Rusland en Singapore.

“Tijdens mijn studies aan de Karel de Grote hogeschool liep ik al stage in China. Ik ben er na mijn studie blijven hangen. Ik heb anderhalf jaar Chinees gestudeerd en daarna ging ik aan de slag bij Ahlers.”

Wat Nonneman zo aantrok in China? “Het cultuurverschil spreekt me enorm aan. Vooral hun manier van werken fascineert me. De businesscultuur is er helemaal anders. Voor mij is het heel fijn om te ervaren hoe dat allemaal in elkaar zit. Een contract heeft minder waarde in China. De vriendschappelijke relatie met andere businessmensen heeft veel meer belang dan in Europa, waar men veel meer uit is op win-winsituaties. Bij tijden is het wel wat geforceerd, maar ik heb er weinig last van. Mijn job is analytics, niet zozeer het commerciële. Maar dan nog blijft de relatie met de klant heel belangrijk.”

Cultuurschok? 

Een cultuurschok heeft Nonneman niet echt meegemaakt. “Ik woon nu zo’n tweeënhalf jaar in Shanghai. Dat was in het begin niet evident, maar ik probeer hier vooral met Chinezen te netwerken in plaats van met expats. Het wordt een deel van je leven, en dat is wel heel fijn. Nu ik de taal spreek, is die barrière weg. Ik eet Chinees, ik lééf Chinees. En met kerst ga ik terug naar België. Het enige wat ik mis in Shanghai, is de natuur. En het lekkere Belgische eten, maar verder voel ik me hier goed thuis. Er leven aan het thuisfront nogal wat misvattingen over het dagelijkse leven hier.”

Voorlopig is Nonnemans activiteit in China een beetje een onemanshow, in die zin dat hij ter plekke geen collega’s uit België heeft. Dat wil echter niet zeggen dat hij er helemaal alleen voor staat. “Vanuit de hoofdzetel wordt met ons meegedacht. Steeds meer vragen klanten om rapporten over hun logistieke prestaties. Wij proberen die data te visualiseren voor managementdoeleinden of verbeteringen van de supplychain.”

Michiel Leen