OPINIE - Vlaamse mobiliteitsvisie: de berg baart zelfs geen muis

Philippe Van Dooren

Philippe Van Dooren

Redacteur Flows.be

De Vlaamse regering heeft op 9 juli de ‘Vlaamse Mobiliteitsvisie 2040’ definitief goedgekeurd. De tekst is nu gepubliceerd en zal in werking treden op 1 oktober 2021. De vraag is: wat zal er in werking treden? Die “blik op de toekomst die moet dienen als open, inspirerend en adaptief kader voor onze mobiliteitsbeslissingen vandaag en de komende twintig jaar” is zo wazig dat er weinig mee aangevangen kan worden. Wie hoopte op concrete ambities en een doordacht stappenplan, komt bedrogen uit.

Verschillende mobiliteitsministers probeerden in het verleden om een Vlaams Mobiliteitsplan te laten goedkeuren, maar zonder succes. “Met onze visietekst ‘Mobiliteitsvisie 2040’ voorzien we in een breed gedragen langetermijnvisie met beleidslijnen en -ambities die over voldoende lange termijn consequent worden aangehouden. Consistentie in het beleid is een noodzakelijke voorwaarde om tot een verandering in het mobiliteitssysteem te komen”, stelt Vlaams minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open Vld). Zij gaf het departement Mobiliteit en Openbare Werken de opdracht om die visietekst uit te werken.

MOW werkte maandenlang aan het document. Daarbij werd input gevraagd aan tal van stakeholders en werden adviezen ingewonnen bij onder meer de Mobiliteitsraad (MORA). Wie een stevig beleidsdocument voor de komende twintig jaar verwachtte, kan niets anders dan zéér teleurgesteld zijn. De berg baarde niet eens een muis.

Het visiedocument staat bol van algemeenheden. Een voorbeeld: “De uitdagingen en verwachtingen ten aanzien van mobiliteit zijn niet min. Als we maximale verbondenheid en bereikbaarheid willen garanderen op een duurzame en veilige manier en op maat van alle mensen en bedrijven, moeten we daar concrete en scherpe perspectieven voor 2050 aan koppelen.”

Zelfs met veel goede wil kan je die doelstellingen niet als concreet bestempelen.

De vier ‘perspectieven’ die het kader voor een toekomstig mobiliteitsbeleid moeten vormen, zijn: tegen 2050 zijn er geen zware verkeersslachtoffers meer, zijn er geen vervoersemissies meer, is er een vlotte en naadloze mobiliteit, en de materiaalvoetafdruk voor mobiliteit vermindert met 60%.

Zelfs met veel goede wil kan je die doelstellingen niet als concreet bestempelen. Wie hoopte op concrete ambities en een doordacht stappenplan, komt bedrogen uit.

Nog een voorbeeld? “Voor goederenvervoer betekent het behalen van hogervermelde perspectieven dat we samen met bedrijven en met de vervoerregio’s duurzame logistieke oplossingen uitgewerkt hebben waardoor bedrijven in Vlaanderen op het vlak van transport en logistiek competitief kunnen zijn. Bedrijven zijn via duurzame logistieke oplossingen veilig, vlot, betrouwbaar en kostenefficiënt geconnecteerd binnen Vlaanderen en met de economische polen in de rest van de wereld. De datagedreven samenwerking en aansturing zorgen voor een feilloze organisatie van goederenvervoer en laat bedrijven toe om competitieve oplossingen die kostenefficiënt én duurzaam zijn, toe te passen vanuit een integraal ketenmanagement.”

Kan het wolliger? Neem de ‘datagedreven samenwerking’. Al jaren wordt aan het dataplatform NxtPort gewerkt. Het bevindt zich nog altijd in een sukkelstraatje. Ook in andere transport- en logistieke takken komt de datasamenwerking niet van de grond. In een visiedocument had je dan wél een plan van aanpak mogen verwachten om alsnog tot een doorbraak te komen. Maar neen ...

Eigenlijk had het document in dit stadium niet mogen gepubliceerd worden. De Vlaamse regering had nochtans in juni een vernietigend advies gekregen van MORA, die de visienota een "gebrek aan geloofwaardigheid" verweet en de vrees uitte dat “de visie te vrijblijvend is en er geen concreet beleid zal volgen”. Meer nog: de raad vroeg aan de minister uitdrukkelijk “om duidelijk te maken hoe de perspectieven ingevuld en gerealiseerd zullen worden, wat haar concrete ambities zijn en hoe die vastgelegd zullen worden”.

Peeters en bij uitbreiding de Vlaamse regering legden dat alarmistisch advies naast zich neer, waarmee ze te kennen gaven dat ze de ‘sense of urgency’ nog altijd niet inzien. Alweer een gemiste kans.