OPINIE - Jan Sannen: “Knelpuntberoep vraagt om extra looninspanning”

Jan Sannen, algemeen sectorverantwoordelijke ACV-Transcom

De werkgevers in het wegvervoer staan achter de functieclassificatie voor de chauffeurs, maar niet achter een significante loonsverhoging. Toch zijn de bonden voorstander van een loonstijging die aanzienlijk hoger zou liggen dan wat de loonnorm bepaalt, zegt Jan Sannen, algemeen sectorverantwoordelijke van ACV-Transcom, in een reactie op ons artikel van maandag over de loononderhandelingen. Hij legt hier uit waarom.

Jan Sannen, algemeen sectorverantwoordelijke ACV-Transcom

Ik hoor het graag zeggen dat onze chauffeurs de duurste van Europa zijn. Het verhaal is wel iets complexer. Zij zijn immers ook bij de laagst betaalde werknemers in eigen land.

In de grafiek met een overzicht van de minimumlonen voor vergelijkbare sectoren (qua scholingsniveau) ziet men dat het hoogste minimumloon in het vervoer (een chauffeur +15 ton) in de buurt van de laagste minimumlonen in andere sectoren ligt of zelfs er ver onder. De lonen van de minst geschoolde medewerkers in bakkerijen, beenhouwerijen, horeca, liggen op het niveau van of zijn hoger dan het loon van de best betaalde vrachtwagenchauffeurs die met ADR rijden. Het verhaal van de kuisvrouw die met 13 euro per uur meer verdient dan de vrachtwagenchauffeur, gaat al langer dan vandaag de ronde. De chauffeur van een vuilniswagen verdient vandaag 16 euro per uur, wat meer is dan wat een vrachtwagenchauffeur krijgt.

Door de wet op de loonmatiging zitten de loononderhandelingen in een strak carcan. De stijging van de lonen is gebonden aan beperkingen. De index wordt automatisch toegepast en daarbovenop wordt door de wetgever een bijkomend percentage bepaald tot waar men kan stijgen. Door dit in percentages uit te drukken wordt de kloof tussen lage en minder lage lonen steeds groter. Een eenvoudig voorbeeld leert ons dat de stijging van een loon met tweejaarlijks 5%, voor een loon van 10 euro en een loon van 15 euro op 10 jaar, een verhoging betekent van respectievelijk 2,76 euro en van 4,15 euro. Een loon van 10 euro wordt zo na 10 jaar 12,76 euro en een loon van 15 euro wordt 19,144 euro. De kloof groeit zo van 5 euro per uur naar 6,38 euro per uur.

Willen de werkgevers een inspanning doen om opnieuw te winnen aan aantrekkelijkheid, dan kan de invoering van de nieuwe functieclassificatie daarbij een hulp zijn. Maar de loonstijging die we binnenkort moeten afspreken, zal aanzienlijk hoger moeten liggen dan wat de loonnorm bepaalt.

Het verhaal in de logistiek is overigens van dezelfde orde. Willen de logistieke spelers nog Belgisch personeel aanwerven, dan zal ook in die sector een extra inspanning moeten gebeuren.

De werkgevers en de regering zullen moeten inzien dat, om aan de knelpuntberoepen iets te doen, er een extra inspanning nodig is. Dat kan met een verhoging van de brutolonen of door bijkomende ondersteuning van de koopkracht door de overheid aan sectoren die kreunen onder oneerlijke internationale concurrentie.

Dat zal alvast de oproep zijn van ACV-Transcom in de vervoerssectoren op 13 februari. Het signaal dat de werkgeversfederaties in uw artikel geven, is alvast in tegenspraak met wat veel van hun leden-transporteurs vertellen. Heel wat werkgevers zijn wel bereid om een extra inspanning te leveren.

ACV-Transcom heeft een opening gemaakt om te onderhandelen. Wij willen stappen zetten, zelfs moeizame stappen. Als er op donderdag 21 februari op het paritair comité geen vooruitgang is, zal de staking op 13 februari slechts een eerste oefening zijn.

Jan Sannen, sectorverantwoordelijke ACV-Transcom