OPINIE: Bloemen noch kransen voor Flanders Port Area

Jean-Louis Vandevoorde

Er waart niet langer een spook rond in het Vlaamse havenschap. Flanders Port Area, het geesteskind van Kris Peeters, lijkt definitief afgevoerd. Er zullen in de vier Vlaamse havens geen tranen met tuiten rollen.

Jean-Louis Vandevoorde

Redacteur Flows.be

Kris Peeters (CD&V) zette zowat tien jaar geleden als bevoegd minister een nauwere samenwerking tussen de vier Vlaamse havens op de agenda onder de noemer ‘Flanders Port Area’. Hij zag het als een hefboom om Vlaanderen als havenregio internationaal meer op de kaart te zetten.

Op de nieuwjaarsrecepties van de drie grote Vlaamse zeehavens was FPA sindsdien naast cava en cola vaste prik en een obligaat onderwerp in de toespraken van zijn opvolgers, die met die erfenis soms danig verveeld zaten.

Niets daarvan dit jaar. In de vele speeches was het rond Flanders Port Area soms oorverdovend stil. Ben Weyts (N-VA) verwees er niet meer naar, al herhaalde hij in Zeebrugge nog even de mantra dat Vlaanderen gezien vanuit Azië een zakdoek groot is. Zeebrugge en Antwerpen liggen voor een Chinees op wandelafstand van elkaar, voegde hij daar aan toe. Flinke stappers, die Chinezen, dat weten we sinds de Lange Mars van Mao.

Ongemakkelijk gareel

Weinigen zullen om het heengaan van Flanders Port Area een traan laten. Het initiatief had nooit veel om het lijf om de eenvoudige reden dat de havens als meest rechtstreeks betrokken partijen er eigenlijk geen oren naar hadden. Het Vlaams havenvierspan was te heterogeen, de belangen te verscheiden, de ambities te weinig gelijklopend en de onderlinge concurrentie te groot om eensgezind en met gesloten rangen de buitenwereld tegemoet te treden. Elk paard wou met de kar een andere richting op (als het met die kar al een stap vooruit wou). Niemand voelde zich gemakkelijk in het FPA-gareel.

Om de voogdijministers niet te hard voor het hoofd te stoten, bewezen de havens weinig meer dan de nodige lippendienst aan het initiatief. Hun bereidheid tot samenwerking bereikte verbale hoogtepunten. Voor de rest deden ze hun zin. Ze vonden elkaar wel als ze daar echt baat bij hadden.

Lijkrede

Flanders Port Area dook wel nog even op tijdens twee persconferenties over de jaarcijfers. In Zeebrugge deed MBZ-voorzitter Renaat Landuyt nog een halve poging om de schuld voor het schielijk overlijden van Flanders Port Area in de schoenen van Gent te schuiven omdat de fusie met Zeeland Seaports de Vlaamse FPA-genen met Nederlands DNA had bezwaard.

De waarheid is iets anders: Flanders Port Area was altijd al een doodgeboren kind. Het is nu finaal ter aarde besteld. Daar kwamen geen rouwdienst, bloemen of kransen aan te pas. Wel een korte lijkrede, die op de persconferentie in Antwerpen te horen viel.

“Wij hebben Flanders Port Area altijd met de nodige beleefdheid behandeld, maar niet meer dan dat”, liet havenschepen Marc Van Peel (CD&V) zich daar ontvallen. Flanders Port Area in één schijnbaar argeloos zinnetje in het massagraf van de niet levensvatbare ideeën wegzetten, het is niet iedereen gegeven. Maar Van Peel weet als begenadigd redenaar hoe hij de onschuld van woorden zo nodig tot een moordwapen kan omsmeden.

Antwerpen/Zeebrugge

Het einde van Flanders Port Area kan een positief gevolg hebben, zei een andere havenbaas ons. Ontdaan van de druk van bovenaf kunnen de Vlaamse havens nu vrijer het samenwerkingsveld aftasten, klinkt het.

Van Peel juichte in Antwerpen alvast toe dat men “bovenaf” losgekomen is van de idee om havensamenwerking op te leggen. Landuyt beaamde in Zeebrugge dat het “doorbreken” van Flanders Port Area een positief verhaal kan worden.

De samenwerking op containervlak tussen Antwerpen en Zeebrugge kan daar een mooie casus van worden. Maar opnieuw vielen duidelijke verschillen te merken. In Zeebrugge kwam Landuyt meteen zelf met het onderwerp aandraven. De boodschap luidde dat tussen beide havens een zeer positieve sfeer heerst en een ruime politieke consensus over samenwerking bestaat. In Antwerpen sneden Van Peel en Jacques Vandermeiren het thema pas aan wanneer vragen over Zeebrugge opdoken en reageerden ze veel gematigder. “Ik heb al veel vrijages met Zeebrugge zien afspringen”, zei Van Peel, al gaf hij toe dat “de kans op succes groter is dan ooit”. Hij had een aantal ogenblikken daarvoor wel zijn vreugde uitgesproken over het feit dat de Vlaamse overheid eindelijk heeft ingezien dat Zeebrugge in de containerbehandeling “geen groot alternatief” kan zijn voor Antwerpen.

Het is afwachten waar en wanneer de hoge verwachtingen van Zeebrugge en de voorzichtigheid van Antwerpen elkaar zullen vinden.