Scrubbers meestal geen optie voor containerschepen

Om te voldoen aan de nieuwe zwavelnormen die op 1 januari van kracht worden, hebben de containerrederijen momenteel weinig andere keuze dan zwavelarme bunkers in te slaan.

Overschakelen op LNG is één van de andere opties, maar het blijft nog wachten op de eerste containerschepen die effectief op aardgas kunnen varen. De Finse reder Containerships Oy liet al vier schepen van 1.380 teu bestellen voor lijndiensten in de Baltic, maar het eerste daarvan wordt pas in 2016 in de vaart gebracht.

De andere optie waarvan vooral ferrymaatschappijen gebruik maken, is de installatie van een rookgasreiniger of scrubber. Het aantal scrubbers dat op containerschepen geïnstalleerd wordt, blijft echter beperkt.

Compact

De containerschepen die binnen Emission Control Areas (ECA) ingezet worden, zijn meestal compact gebouwd en hebben dus amper plaats voor een extra installatie in de buurt van de vaak al kleine schouw. Hoe groot een scrubber is, blijkt op de foto van DFDS’ roro-schip ‘Optima Seaways’.

Voor grotere schepen waarop wel plaats zou zijn voor een scrubber, geldt dat de investering de moeite waard moet zijn. Een rookgasreiniger kost naargelang het type al snel 5 tot 8 miljoen dollar, wat een groot bedrag is als het schip in kwestie maar een klein deel van de tijd door ECA’s vaart.

Uit een berekening van Alphaliner blijkt dat bij een prijsverschil van 350 dollar ton tussen een ton zware bunkerolie en een ton zwavelarme brandstof, de installatie van een scrubber op een schip van 1.100 teu na drie jaar begint te renderen als dat schip uitsluitend binnen een ECA wordt ingezet. Wanneer het slechts een kwart van de tijd de scrubber nodig heeft, duurt het al meteen acht jaar om de investering te laten renderen.