Rombit in poleposition bij test 'social distancing alarms' VIL

De resultaten van de VIL-test met de ‘social distancing alarms’ zijn gekend: ze worden algemeen positief beoordeeld, met Rombit in poleposition. Er is een vrij hoge bereidheid om de toestellen in te zetten, maar de prijs zal bepalend zijn.

Sinds de coronapandemie komen toestellen op de markt om de veilige afstand van 1,5 meter op de werkvloer te bewaren. Dergelijke 'social distancing devices' meten de afstand tussen personen en geven een signaal (geluid, tril en/of licht) als ze te dicht bij elkaar komen. Met het project ‘Social Distancing Alarms’ maakte VIL het voor bedrijven mogelijk om de toestellen snel en gratis te testen. Zo kunnen bedrijven beter inschatten waar en wanneer de anderhalvemeterregel niet gerespecteerd wordt en of de toestellen helpen bij de naleving ervan. Nalatigheid kan zware boetes opleveren.

Zo'n 230 bedrijven uit verschillende sectoren met diverse types operaties namen aan de test deel, wat maar liefst 1.000 testresultaten opleverde. De testkits bestonden uit toestellen van vijf verschillende leveranciers: Flanders Make, Lopos, Crescent/Option, Rombit en Pozyx. VIL kocht de toestellen bij hen aan met de steun van het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO) en stelde ze gratis ter beschikking van de deelnemers.

Face to face

Uit de resultaten blijkt dat werknemers met de social distancing trackers de vereiste veiligheidsafstand kunnen bewaken. Maar de onderlinge positie van de werknemers beïnvloedt de effectiviteit van de 'trackers'. Wanneer de werknemers elkaar ‘face to face’ benaderen of samenwerken, functioneren de toestellen correct. Ze zijn niet ideaal om operatoren ‘side by side’ te laten samenwerken en niet geschikt voor het ‘back to back’ werken. In die gevallen wordt de meting deels of volledig geblokkeerd door het lichaam van een of beide personen.

Prijs belangrijke factor

De deelnemers moesten aangeven of het toestel aan de verwachtingen voldoet en inzetbaar is voor hun activiteit. Algemeen haalt Rombit de beste score. Flanders Make, Lopos en Option/Crescent krijgen een iets lagere maar quasi dezelfde waardering. Voor Pozyx is de waardering het laagst.

De resultaten geven ook aan dat de bereidheid om de toestellen in te zetten in de dagelijkse activiteiten “vrij groot” is. Die hangt grotendeels af van de prijs. Van de geteste toestellen was Rombit naar verluidt het duurste. De site van de producent geeft aan dat men voor tien armbanden 999 euro moet neertellen en 4.699 euro voor vijftig stuks. VIL koos er bewust voor om de prijzen niet op te nemen in het rapport omdat niet alle leveranciers een all-inprijs opgaven (en bijvoorbeeld de batterij of de lanyard apart aanrekenen), de aantallen een grote rol spelen en de devices technisch zeer snel evolueren.

Verbeterpunten

De deelnemers gaven aan dat de toestellen nog verbeterd kunnen worden op het vlak van gewicht, grootte, draagvorm, instelbaar geluid en vibratiesterkte, uitschakelmodus en in sommige gevallen batterij-autonomie. Deze aandachtspunten en voorkeuren variëren afhankelijk van de bedrijfssituatie en de stand van de techniek van de toestellen op het moment van de testen.

“De geformuleerde verbeteringsmogelijkheden komen niet als een verrassing”, zegt Dirk Jocquet, projectleider bij VIL. “De meeste geteste toestellen zijn immers nog geen eindproducten. De leveranciers zullen de feedback van dit grootschalig experiment verwerken in de nieuwe versies.”

De test, die VIL zeer snel organiseerde na de uitbraak van het coronavirus, is een momentopname. Intussen hebben nog meer aanbieders dergelijke toestellen op de markt – zij worden in het rapport vermeld – en werken de leveranciers van de geteste toestellen al aan aanpassingen in functie van de testresultaten.

Het volledige rapport is gratis digitaal beschikbaar via deze link.

Philippe Van Dooren