Noord-Brabant wil logistieke corridor met mainports versterken

De Nederlandse gemeente Roosendaal is strategisch gelegen in het hinterland van de mainports Rotterdam en Antwerpen. Om die logistieke positie te versterken werd zopas het ‘Logistiek Platform Roosendaal’ opgericht.

De lancering vond donderdag plaats tijdens een door de gemeente en de provincie Noord-Brabant georganiseerde meeting met als thema ‘Logistiek: de mainports en hun achterlandverbindingen’.

Vooraleer beide mainports de gelegenheid kregen om hun hinterlandstrategie toe te lichten, zei burgemeester Jacques Niederer van Roosendaal, die deel uitmaakt van de taskforce ‘Brabant Logistiek’, dat de internationale concurrentie de havens dwingt om over goede hinterlandverbindingen te beschikken. Logistiek is volgens Niederer meer dan gebouwen, transport, enz.

Het logistiek platform moet volgens de burgemeester een meerwaarde creëren. Het gaat om een samenwerking tussen de gemeente en een aantal grote bedrijven. Momenteel zijn de statuten klaar en wordt er nog werk gemaakt van een website. Het platform telt in de opstartfase tien leden. Tegen eind dit jaar hoopt Niederer dat aantal te kunnen verdubbelen.

Rotterdam

Voor Jacco van der Tak van het Havenbedrijf Rotterdam bepaalt de geografische ligging al lang niet meer het succes van een haven. Bovenaan het prioriteitenlijstje van de Rotterdamse haven staan in volgorde van belangrijkheid verbeteringen in de keten, een integrale aanpak voor het spoorvervoer die als cruciaal beschouwd wordt voor de toekomst van de haven, een investeringsagenda voor haveninfrastructuur en havensamenwerking.

Verbeteringen in de keten zijn volgens van der Tak noodzakelijk om de sterke concurrentie aan te kunnen. Rederijen worden ook machtiger en pieken in de ladingafhandeling zorgen voor congestie op de terminals. “De prestatie van de hele keten wordt belangrijker dan de prestatie van de haven”, zo benadrukte hij.

Strategie Rotterdam

Hoofddoelen van de logistieke strategie van de Rotterdamse haven zijn het verkrijgen van ondersteuning op verschillende niveau’s, zowel bestuurlijk als politiek; het ontwikkelen van goede processen; goede infrastructuur; en voldoende capaciteit. Ook het waarborgen van de achterlandcapaciteit en het vergroten van de afzetmarkt in het achterland van Rotterdam, behoren tot de strategische doelstellingen.

Wat de verbeteringen in de keten betreft noemde van der Tak als concrete projecten onder meer Container Logistic Maasvlakte (CLM) waarmee samen met de partijen in de Rotterdamse haven gestreefd wordt om het containerproduct te verbeteren. De ‘Rail Incubator’ biedt dan weer steun aan spooroperatoren bij het opzetten van nieuwe shuttlediensten en het verhogen van de frequentie. Met Nextlogic mikt de Rotterdamse haven op het verbeteren van de informatie-uitwisseling binnen de haven met het oog op een integrale ketenbenadering. Met de online tool Inlandlinks.eu biedt de haven een netwerk van 75 inlandterminals.

Alblasserdam

Van der Tak wees er op dat dezelfde dag ook het containertransferium in Alblasserdam geopend werd. Vrachtwagens die anders via de A15-snelweg naar de Maasvlakte rijden, kunnen voortaan hun zeecontainers bij het transferium afzetten en ophalen. Met een dagelijkse binnenvaartshuttle worden ze van en naar de Maasvlakte gevaren. Voor de omliggende terreinen van zeven hectare is het havenbedrijf in gesprek met verschillende partijen uit de logistieke sector om het transferium op dat vlak te versterken.

Antwerpen

Chris Coeck van het Antwerpse Havenbedrijf wees op de gelijkenissen tussen beide mainports op het vlak van achterlandverbindingen en samenwerking met hinterland hubs. In het geval van Antwerpen is dat de containerterminal Beverdonk langs het Albertkanaal. Als belangrijkste troef van de Antwerpse haven noemde Coeck de synergie tussen goederenbehandeling, logistiek en industrie.

Via een twaalftal strategische prioriteiten zowel wat betreft schepen, lading als concessies enz. wil de haven voornamelijk toegevoegde waarde creëren, aldus Coeck. De langetermijnvisie 2030-2050 waaraan momenteel wordt gewerkt, moet een inzicht geven over welke uitdagingen eraan komen en hoe daarop kan ingespeeld worden. Daarbij zijn 41 trends of ‘game changers’ geïdentificeerd die uiteindelijk moeten leiden tot een visie 2030 met een doorkijk naar 2050, zo verduidelijkte hij.

Spoorcorridors

Wat de prioriteiten voor de hinterlandverbindingen met het spoor en de binnenvaart betreft, is er in eerste instantie het verbeteren van de infrastructuur voor beide modi binnen de haven. Daarnaast is er het ‘core’ hinterlandnetwerk waar de prioriteit erin bestaat om de samenwerking tussen barge en truck naar de achterlandregio’s te verbeteren. Tot slot zijn er de hinterlandcorridors waar volgens Coeck het spoor de eerste keuze is en het de bedoeling is om spoorcorridors naar strategische bestemmingen te ontwikkelen.

Als concrete projecten noemde hij onder meer het verhogen van de bruggen op het Albertkanaal, de Liefkenshoekspoortunnel, het project Instream voor een consolidatie van de containerstromen en het Antwerp Port Connectivity Platform als tegenhanger van het Rotterdamse Inlandlinks.com