Katoen Natie verschuift focus naar engineering en afvalverwerking

Katoen Natie wil zich in de toekomst meer dan ooit profileren op process engineering in de supply chain, energie en afvalbehandeling. Mobiliteitsproblemen en gebrek aan geschikt personeel maken de switch noodzakelijk, meent topman Fernand Huts.

Logistiekspeler Katoen Natie verandert van koers. Proces engineering, supply chain engineering, (hernieuwbare) energieproductie en afvalverwerking zijn de pijlers voor de toekomst van de groep, kondigde topman Fernand Huts vanmiddag aan tijdens een geanimeerde persconferentie.

De meest opvallende nieuwigheid is de aangekondigde bouw van een verwerkingsinstallatie voor plasticafval op de Indaverconcessie in de buurt van de voormalige stortplaats Hoge Maey (linkeroever.) "De technische puzzel is rond. We werken nu aan de veiligheidsstudies voor dat project. Eens die ook rond zijn, kan de vergunningsaanvraag naar de Vlaamse overheid", zegt Huts. Wat de finaliteit van de installatie precies wordt, wil Huts nog niet kwijt. "Eenmaal het plaatje rond is, zal Indaver die plannen verder toelichten. De technologie is van die aard dat we niet alleen in Antwerpen zo'n activiteit kunnen plannen. Wij kunnen nadien nog soortgelijke bedrijven op andere locaties bouwen."

ERS

Huts geeft wel mee dat de activiteit in de lijn ligt van de inmiddels geannuleerde plannen voor een afvalverwerkings- en energie-installatie van de Saoedische groep ERS. Die wilde een verwerkingsinstallatie bouwen aan het Delwaidedok en later op de terreinen van de vroegere Opelfabriek. De Antwerpse fabriek moet als pilootfabriek dienen, zodat de groep later elders in de wereld gelijkaardige installaties kan bouwen. Intussen ging dat project ter ziele.

Ook de verhuizing van een aantal activiteiten voor de chemische industrie van linker- naar rechteroever past in de nieuwe strategie. Daarnaast wil de groep zijn knowhow voor het bouwen van logistieke installaties wereldwijd verder gaan vermarkten. De groep bouwde in de afgelopen jaren voor verschillende opdrachtgevers al logistieke installaties voor spelers als Ineos, Mondelez en BASF. 

Niet weg uit België

Katoen Natie investeert jaarlijks zo'n 400 miljoen euro. Huts laat wel blijken dat het zwaartepunt van de nieuwe investeringen en aanwervingen in het buitenland zal liggen. "Onze toekomst ligt in engineering, in een nog grotere automatisering, in cloud- en breedbandoplossingen. We nemen dit jaar zeker 100 'white collar' profielen aan. Waar ter wereld die precies werken, is dankzij het internet van secundair belang. Programmeurs vind je in België nog amper." Afvloeiingen in België zijn evenwel niet aan de orde, verzekert Huts. "De nieuwe ontwikkelingen aan het Delwaidedok zijn toch een duidelijke Belgische ontwikkeling?"

"We stevenen af op stilstand en onbereikbaarheid"

De koerswijziging is volgens Fernand Huts uit noodzaak geboren. "Gekwalificeerd personeel vinden is in Vlaanderen quasi onmogelijk geworden en de wegen slibben dicht. Die mobiliteitsproblemen doen potentiële werknemers dan weer aarzelen om in de haven te komen werken. We stevenen af op volledige stilstand en volledige onbereikbaarheid", klinkt het. En dat ondanks inspanningen van de groep om bij rekrutering rekening te houden met woon- en werkplaats van de werknemer (bijvoorbeeld vermijden dat inwoners van rechteroever op linkeroever moeten werken), het uitbouwen van satellietkantoren om de files naar Antwerpen te omzeilen en het aanbieden van fietsinfrastructuur. Voor het goederenvervoer kiest Katoen Natie waar mogelijk voor het spoor. "Er rijden nu al dagelijks drie bloktreinen met lading in beide richtingen tussen het Deurganckdok en Delwaidedock", illustreert Huts. "We starten nu zelfs een bloktrein tussen het Deurganckdok en het Vrasenedok. Voor een afstand van amper een kilometer..."

Al deze verhalen over de modal shift in personen- en goederenvervoer ten spijt, had Huts duidelijk meer verwacht van beleidszijde. De nachtopening van de containerterminals zet volgens hem nog te weinig zoden aan de dijk en ook de Waterbus heeft een te beperkt aanbod om écht op de mobiliteitsproblemen te wegen. Huts hekelde ook het feit dat op een terminal voor nachtprestaties hogere prijzen worden gevraagd. Het lichter vervoer wordt volgens Huts dan weer gehandicapt door de dure kosten van de havenarbeiders die instaan voor laden en lossen van de schepen. 

LEES OOK:  Fernand Huts keert VOKA de rug toe

Michiel Leen