Dennie Lockefeer (directie Van Moer) zwaargewond na ongeval in Kallo

Nieuws, Mensen
Bart Timperman

Het ongeval gebeurde in Kallo in de nacht van woensdag op donderdag. Na een vergadering reed Dennie Lockefeer op de Hazopweg in op een traag rijdende goederentrein. De trein verliet net de bedrijfsterminal aan het Vrasenedok. Dennie Lockefeer reed in op een van de wagons in het midden van de trein. Hij zat gekneld en moest door de brandweer worden bevrijd. Dennie Lockefeer is bij Van Moer Managing Director van de Business Unit Port & Intermodal Logistics.

“Ik vernam het dramatische nieuws over Dennie, een rots in de branding in mijn directieteam, pas gisterenochtend”, zegt Jo Van Moer in een reactie. “Dennie werd in kritieke toestand overgebracht naar het UZA in Edegem waar men vaststelde dat Dennie ernstige nek- en hoofdletsels had. Ik ben permanent in contact met Louis, de papa van Dennie. Het laatste nieuws dat we vanmorgen kregen, is gematigd positief. Het nekletsel heeft geen beschadiging teweeggebracht van de zenuwbaan en verlamming is bijgevolg uitgesloten. De bloedingen in het hoofd zijn gestabiliseerd en we hopen vlug uitsluitsel te krijgen over mogelijke gevolgschade. De eerste indicaties daaromtrent zijn alleszins positief.”

Geliefd

De verslagenheid in het bedrijf is zeer groot. “Het maakt duidelijk hoe geliefd Dennie is in ons bedrijf”, concludeert Jo Van Moer. “Maar ook in de ganse havengemeenschap en ver daarbuiten. Ik hou alle collega’s en de vele mensen die mij contacteren met regelmatige updates op de hoogte, omdat iedereen sterk meeleeft. Onze gedachten gaan in de eerste plaats naar zijn echtgenote Bernadette en zijn drie prinsesjes die Sinterklaasdag ongetwijfeld anders hadden voorgesteld.”

Vechter

De eigenaar van de groep Van Moer wil de moed niet verliezen en wil vooral hoopvol zijn. “Ik ken Dennie als een vechter die nog nooit heeft opgegeven wat hij begonnen is”, besluit hij. “Als kapitein heeft hij al woeste zeeën getrotseerd. Die ervaring zal hem zeker helpen in zijn herstel. Ik en vele anderen kunnen niet wachten om hem terug te zien.”

Bart Timperman