Aantal AEO-vergunningen stijgt maar met mondjesmaat

Nieuws, Logistiek
Melanie De Vrieze

Bedrijven die met internationale handel en douaneprocedures te maken hebben, kunnen sinds 2008 een AEO-erkenning aanvragen. Met het AEO-statuut hebben ze diverse voordelen op het gebied van douane en veiligheid. Zo hebben bedrijven een vlottere toegang tot douanevereenvoudigingen, hebben ze minder controles, kunnen ze de plaats van controle kiezen en is er wederzijdse erkenning met derde landen. 

Goederenstroom grotendeels afgedekt

Sinds de invoering elf jaar geleden zijn 484 AEO-vergunningen uitgereikt. Het voorbije halfjaar kwamen er slechts negen bij. Heeft AEO zijn limiet bereikt? Jan Van Wesemael (Alfaport-Voka; zie foto) nuanceert. “De grotere ondernemingen en de meeste dienstverleners in de haven van Antwerpen bezitten het AEO-statuut. Een groot deel van de goederenstroom is dus afgedekt door AEO-certificaten. Kmo’s voelen misschien minder de noodzaak om naar zo’n statuut te evolueren. Ze hebben vaak de kennis niet in huis en besteden douaneactiviteiten uit aan dienstverleners. Ze zien het nut van zo’n erkenning niet in. We zien dus vooral een stabilisering.” 

Zwaar proces

Ongeveer dertigduizend kmo’s zullen met douaneformaliteiten te maken krijgen richting Verenigd Koninkrijk, eenmaal de brexit een feit is. Toch ziet Jan Van Wesemael weinig beweging in die richting. “Het behalen van een AEO-certificaat is een vrij zwaar proces. Er komt heel wat bij kijken: alle afdelingen binnen het bedrijf zijn betrokken, er gebeurt een diepgaande screening en processen worden in handleidingen neergepend. Vaak laten bedrijven zich bijstaan door consultants en daaraan hangt een prijskaartje vast. Die elementen wegen ze af tegen de voordelen van een AEO-vergunning.”  

Melanie De Vrieze