Hoge hinterlandvolumes drukken op spooraandeel Rotterdam en Antwerpen

Nieuws, Logistiek
Koen Heinen

Uit een interview van Nieuwsblad Transport met de logistiek manager van het Havenbedrijf Rotterdam blijkt dat het spoorvervoer vorig jaar in vergelijking met 2017 wel met 3 à 4% gegroeid is. Daar tegenover staat echter een groei van 5 à 6% van het totale achterlandvervoer. Daardoor zit Rotterdam nog maar halverwege de beoogde 20% aandeel van het spoor in de modal split.

Het Rotterdamse Havenbedrijf wil meer spoorvervoer aantrekken uit het zuiden van Duitsland en Oostenrijk dat nu nog via de Noord-Duitse havens gaat. Volgens de logistiek manager moet Rotterdam hiervoor een goedkoper alternatief bieden dan de Duitse havens om verladers en expediteurs uit die regio’s te verleiden om hun containers op de trein naar Rotterdam te zetten.

Maatregelen

Om de opstart van nieuwe spoordiensten te stimuleren, lanceerde het Rotterdamse Havenbedrijf de Rail Incubator. Daarmee co-investeert het in de hoge aanloopkosten.

Het Havenbedrijf nam ook het haveninterne spoorvervoer tussen de terminals in de stad en de Maasvlakte in eigen handen. Tegen 2021 komt er nog een Container Exchange Route voor de Maasvlakte bij, waardoor de uitwisseling van containers tussen de terminals efficiënter en goedkoper wordt. Tegen deze zomer wordt eerst nog het Harbor Rail Operations and Logistics Dashboard (HaROLD) operationeel. Dat is een digitaal systeem voor gegevensuitwisseling tussen terminals, operators en vervoerders.

Antwerpen

Het Havenbedrijf Antwerpen heeft gelijkaardige ambities als Rotterdam: een verdubbeling van het huidige spooraandeel in het containervervoer van 7% naar 15% tegen 2030. Het wil die verdubbeling realiseren samen met zijn partners binnen het in 2013 opgerichte Railport Antwerpen, zijnde Alfaport-Voka, de chemiefederatie essenscia en Maatschappij Linkerscheldeoever. Voorlopig hebben we nog geen cijfers over de ontwikkeling van het spoorvervoer in de haven van Antwerpen. Het laat zich echter raden dat het met de huidige groei van de containervolumes (+6,2% in 2018) net als Rotterdam, een versnelling hoger moet schakelen om het spoor sneller te laten groeien dan het totale hinterlandvervoer.

Momenteel wordt aan een aantal maatregelen gewerkt. Het Havenbedrijf Antwerpen bekijkt onder meer of het zelf haveninterne spoorshuttles moet organiseren of een startsubsidie moet geven aan particuliere operatoren.  Een proefproject met een neutrale haveninterne operator leverde eerder niet het gewenste resultaat op.

Ook op het vlak van informatiedoorstroming zijn er vergelijkbare plannen met Rotterdam. Zo wordt werk gemaakt van een Rail Traffic System, naar analogie met het Barge Traffic System. Spooroperatoren zullen hiermee behandelingslots op de terminals kunnen aanvragen en wijzigingen kunnen doorgeven.

Via bundelingsmeetings worden terminaloperatoren die met dezelfde spoorbundel werken, samengebracht om te zien of er synergieën mogelijk zijn.

Ontbijtsessie

Om bij de verschillende actoren te peilen naar de slaagkansen van de Antwerpse spoorambities, organiseert Flows op donderdag 28 maart een ontbijtsessie onder de noemer: ‘Meer vracht over het spoor: tussen droom en realiteit’.

Koen Heinen