Multimodaliteit: meer dan een druppel op een hete plaat (+ foto’s)

Nieuws, Logistiek
Melanie De Vrieze

Meer dan tweehonderd bedrijven waren gisteren (donderdag 22 november) aanwezig tijdens ‘Missie Multimodaal’ in Gent, een event georganiseerd door North Sea Port en Multimodaal.Vlaanderen (VIL). Het bewijs dat bij heel wat logistieke bedrijven multimodaliteit hoog op de agenda staat.

Bedrijven vervoeren goederen duurzamer door te kiezen voor vervoer over de weg, via binnenwateren, over het spoor of via pijpleiding. “Die laatste mag zeker niet vergeten worden”, zegt Daan Schalck, CEO van North Sea Port. 

Voordelen

Vlaeynatie, een logistieke dienstverlener gespecialiseerd in droge witte bulk, werkt sinds de opstart zoveel mogelijk multimodaal. Daarbij speelt zowel het economische als het ecologische aspect een rol. Vanaf februari 2019 werkt Vlaeynatie samen met Lineas voor een spoor naar Antwerpen, wist directeur Paul Van den Broeck (foto 2) in primeur te vertellen.

Bij Transuniverse gaven, naast het milieu, de operationele en financiële aspecten de doorslag om intermodaal te gaan. De Gentse groepagespecialist werkt voor de combinatie weg/spoor samen met het Turkse EKOL. “We zien alleen maar voordelen: minder risico op ongevallen en schade, minder douaneformaliteiten, minder invloed van het weer en minder chauffeurs”, zegt voorzitter Frank Adins (foto 3). 

Kleinere spelers

EOC, producent van chemische producten, kiest voor de binnenvaart. Jaarlijks verschepen ze tussen 1.000 en 1.500 teu. “Multimodaliteit is ook nuttig voor kleinere spelers”, legt Marnic de Cubber, logistiek verantwoordelijke, uit (foto 4). “Om de wegen nog meer te ontlasten, willen we klanten sensibiliseren om op langere termijn te plannen. En we rekenen ook op betrouwbare diensten en lijnen. Bij stakingen of annuleringen van treinen moeten we toch weer terugvallen op vervoer over de weg.”

Niet te duur

H.Essers is vooral gekend als transportbedrijf, maar vervoert ook via zeevracht, binnenvaart, spoor en shortsea. CCO Pascal Vranken (foto 5) noemt het synchromodaliteit: het optimaal flexibel en duurzaam inzetten van diverse transportmodi met het oog op een volledig geïntegreerde vervoersoplossing voor de klanten. “Vanaf 15 januari 2019 vertrekt een rechtstreekse trein vanuit Genk naar Trieste, in samenwerking met Lineas.” Hij ontkracht met enkele cijfers dat de modal shift te duur zou zijn. “Het komt erop aan om slim combinaties te zoeken.”

Wake-upcall

Peter Lagey, manager van VIL, roept iedereen op om wakker te worden (foto 6). Zowel het stijgende goederenverkeer tegen 2030, de stilstaande vrachtwagens wegens een tekort aan chauffeurs, de klimaatopwarming en de geplande wegenwerken zijn wake-upcalls om multimodaal te denken. Hij stelt aan het publiek de vraag of ze de druppel op een hete plaat willen zijn of de druppel die de emmer doet overlopen. Lagey somt enkele best practices op, zoals de samenwerking van AB InBev en Coca-Cola om minder lege kilometers te rijden of initiatieven in de Antwerpse haven om ‘s nachts te rijden.

Panelgesprek

Multimodaliteit vergt ook veel inspanningen. Vaak is er nog drempelvrees en terughoudendheid, zo is in het aansluitende panelgesprek (foto 1) te horen. Volgens Liesbeth Geysels, managing director van VIL, zijn de prijs, het volume en de mental shift belangrijk voor het succes van multimodaliteit. Ze stelt voor om in eerste instantie op die mental shift te focussen.

Gewestelijk havencommissaris Blomme is niet zo pessimistisch. Er is wel een goede en vooral overkoepelende visie nodig, vindt hij. Volgens Rob Koppejan, programma manager van Zeeland Connect, moet het “inderdaad eerst tussen de oren zitten”. Hij heeft de indruk dat in Nederland bedrijven meer naar een samenwerking kijken, in plaats van als individuele onderneming initiatieven te nemen. “Vaak gaat het om je concurrent, maar door de kostenbesparing helpt die je wel om veel meer te verdienen.”

Het moet ook niet altijd goedkoper zijn, voegt Geysels er nog aan toe. “De kostprijs is nu nog vaak de trigger om bedrijven over de streep te krijgen, maar ze moeten beseffen dat mobiliteit zijn prijs heeft.”

Melanie De Vrieze