“EU keert terug naar toestand voor 1993”

Nieuws, Logistiek
Philippe Van Dooren

Die vrees groeit gestaag en veel actoren trekken hard aan de alarmbel, zo is duidelijk gebleken tijdens het ‘dinner debate’ dat de ECG – de Europese koepel van autologistiekers – vorige week in Brussel heeft gehouden.

Het begon met een felle kritiek van Jorg Mosolf, de ceo van Mosolf Group, op de regels rond de toepassing van het minimumloon in de transport in Duitsland. “Zelfs wij, in Duitsland, begrijpen die nieuwe regels niet… hoewel de volledige teksten enkel in het Duits bestaan.” En hij voegde een nieuw aspect aan het dossier toe. “Men weet niet goed hoe ze moeten worden toegepast in de cabotage, in de transit, in de transporten en van en naar Duitsland… maar ook niet wanneer het om een lege rit gaat.”

“Morele standaarden”

Niet alleen de praktische toepassing van de regels zorgen voor problemen. Het principe zelf zorgt voor spanningen. Zoals geweten zijn veel vervoerders (meestal Oost-Europese, maar ook ‘uitgevlagde’ West-Europese) gekant tegen de maatregel omdat ze hun loonvoordeel teniet doet. Zij zeggen dat het een kwestie is van sociale mobiliteit, niet van sociale dumping.

Jon Kuiper, de ceo van de Nederlandse Koopman Logistics Group, nam hierover een opmerkelijk duidelijke stelling in. Hij wil een ‘level playing field’ in de transportsector om komaf te maken met de sociale dumping en omdat het gebrek aan harmonisatie van de nationale regels een reële hindernis vormt voor de logistieke sector.

“Wij moeten opereren op basis van Europese regels die in toenemende mate anders worden geïnterpreteerd door de lidstaten. Dergelijke nationale regels zijn uit den boze en de handhaving moet geharmoniseerd en consistent zijn. De sector heeft tevens niet alleen nood aan sociale standaarden, maar ook aan morele standaarden” zei hij in zijn pleidooi voor harmonisering van de regels en tegen sociale dumping.

Ook liet hij verstaan dat de hele situatie is ontspoord omdat er al tien tot vijftien jaar geen handhaving meer is.

“28 aparte lidstaten”

Dat beaamde Mike Sturgeon, directeur van ECG: “We opereren steeds minder in een eengemaakte markt en steeds meer in een groep van 28 individuele lidstaten”, zei hij. Daarbij doelde hij niet alleen op regels zoals die i.v.m. met het minimumloon, maar ook op de gebruiksheffingen in het wegvervoer met een toenemend aantal verschillende OBU’s en belastingregels. “Er waait in Europa een koude nationalistische wind”, waarschuwde hij tevens.

Ook Michael Nielsen, de afgevaardigde van de IRU bij de EU, klaagde de forse toename van regionale en nationale barrières in de EU aan. Op sommige vlakken zijn de Europese vervoerders zeer verdeeld en wij als IRU kunnen bijvoorbeeld geen standpunt innemen over bijvoorbeeld het minimumloon van de mobiele werknemers. Wij moeten niet alleen rekening houden met de positie van de Oost-Europese en de West-Europese vervoerders, maar ook die van de derde landen. Daarom is het noodzakelijk dat de Europese Commissie en het Europese Parlement ageren. Zoniet geraken wij snel terug in een toestand zoals die was voor 1993.”

Pragmatische aanpak

Voor Wim van de Camp (foto), coördinator van de commissie TRAN voor de EVP en gastheer van het dinner-debate, is het Duitse minimumloon een sociale vooruitgang, maar hij erkende wel dat de toepassing in het wegvervoer ‘een uitdaging is, die moet aangepakt worden’. Hij pleitte voor een pragmatische aanpak: “De sector en de wetgevers moeten samen beter werken aan ene betere regelgeving en een beter toepassing ervan,” zei hij.

Maar het Europarlementslid waarschuwde ook voor overdreven ijver. “Het optimale kan de vijand zijn van het maximale. Als we trachten om het optimale te bereiken, dreigen wij veel teveel tijd te verliezen.”

Tegelijkertijd waarschuwde van de Camp voor het sluiten van teveel compromissen (waarbij hij onder andere doelde op het Vierde Spoorpakket). “Die monden uit in te vage teksten, die niet alleen leiden tot een moeilijke beslissingsproces binnen de Europese Raad van Transportministers, maar ook voor uiteenlopende interpretaties vatbaar zijn”, zei hij nog.

“Genoeg gepalaverd”

In zijn conclusies riep van de Camp de aanwezige vertegenwoordigers van de Europese instellingen op om wakker te worden. “Laten we het simpel houden en het tempo versnellen. De tijd van het gepalaver is voorbij. Want de stembusgangers zijn hun geduld aan het verliezen.”